Het geheugen van de vakbeweging

Wim van Halm (1905-1978), icoon van de culturele arbeidersbeweging


Icoon van AJC en cultureel werk NVV

Wim van Halm, een pure idealist

Wim van Halm (1905-1978) was een legendarische persoonlijkheid in de Arbeiders Jeugd Centrale (AJC), de jongerenorganisatie van SDAP en NVV. Na zijn afscheid van de AJC, kort na de Tweede Wereldoorlog, werkte hij 23 jaar als stafmedewerker op de afdeling scholing en vorming van het NVV. Brede belangstelling verwierf hij door de verzorging van de NVV-rubriek „Puntjes op de I” op de VARA-radio. Mensen die hem meegemaakt hebben als AJC-leider zagen hem als een pure idealist, met een groot warm hart voor de mensheid. Idealen alleen waren voor Van Halm echter niet genoeg. Hij leerde AJC-ers dat ze zich moesten verdiepen in maatschappelijke problemen en dat ze tegenstanders in de strijd om meer gelijkheid alleen met goede argumenten tegemoet moesten treden.

Naast zijn sociale bewogenheid had hij ook een grote belangstelling voor kunst. Zelf schilderde Van Halm in zijn vrije tijd. Hij was een van de oprichters van de Groep 1190, bedoeld goedkope grafische kunst naar de arbeiders thuis te brengen. Die opzet mislukte echter. Hij vervulde ook tal van bestuursfuncties buiten het NVV, onder andere in de Raad voor de Kunst, Het Nederlands Volkstoneel en bij Humanitas.

Onlangs is Het geheugen van de vakbeweging in bezit gekomen van een levensschets van Van Halm, opgesteld door zoon Peter van Halm, zo’n 7 jaar na zijn overlijden. De volledige tekst is hier in pdf-formaat opgenomen. De kwaliteit van de leesbaarheid ervan is niet optimaal, maar bij het IISG en elders is geen betere kopie beschikbaar is. Desondanks is het voor mensen met belangstelling voor de geschiedenis van de roemruchte AJC en de rol van Wim van Halm daarbinnen een waardevol document.

Het voorwoord van Peter van Halm volgt in de linkerkolom hieronder. Daaronder is de link om het boek te downloaden. De reactie van Jo Witteveen staat in de rechterkolom en ook daaronder de link om die brief te downloaden.

WAAROM?

Honderden mensen kwamen begin juli 1978 bijeen in Westgaarde in Amsterdam om afscheid te nemen van de overleden Wim van Halm.
Waarom zoveel mensen?
Heeft hij zoveel betekend voor zovelen? Wie was Wim van Halm?
Wie waren zijn tijdgenoten?
Door wie en door wat werd hij geïnspireerd?
Het was een leven zoals dat van jou en van mij – en toch…
In dit leven school iets bijzonders – een brandende overtuiging die tot werken dreef.
Het is een voorbeeld hoe een simpele arbeidersjongen in de AJC kon uitgroeien tot een eerste klas jeugdleider, die in duizenden harten een vuur wist te ontsteken doordat dit zijn eigen leven zo sterk en zinvol doorlichtte: Het verlangen naar een waarlijk socialistische wereld!

Hij was trouw en brak een gegeven woord niet en zonder ophef heeft hij zijn werk gedaan.
Hij was de grote roerganger van de socialistische jeugdbeweging en door middel van dit “verhaal” kunnen we misschien ontdekken wat hij tijdens zijn leven probeerde duidelijk te maken en waaraan wij misschien wat kunnen hebben.

Hij liet altijd duidelijk weten dat hij zijn kinderen, aangetrouwde- en kleinkinderen de moeite waard vond. Dat was een enorme stimulans en mede daardoor kon je je als individu ontplooien en je eigen weg zoeken in de maatschappij.
Ik ben opgegroeid met de overtuiging dat je niet alleen voor jezelf leeft, dat je ook iets tot stand moet brengen voor anderen en dat je het leven niet passief aan je voorbij mag laten gaan.
Dat heb ik sterk meegekregen.
Ik hoop dat dit verhaal over Wim van Halm, mijn Vader, een beeld geeft van zijn leven zijn bedoelingen en zijn socialistische idealen – maar het is geen biografie. Alleen buitengewoon belangrijke persoonlijkheden is het geoorloofd het publiek lastig te vallen met een biografie, hoewel Wim van Halm voor mij een buitengewoon belangrijk persoon is geweest.

Amersfoort,
eerste druk december 1985
tweede druk, december 1990

Peter van Halm

Download Wim van Halm, 1905-1978 (pdf, 120p)

Reactie van opvolger Jo Witteveen

De uitgave van de levensschets van Wim van Halm heeft geleid tot een persoonlijke reactie van Jo Witteveen, zijn opvolger binnen de NVV-organisatie, aan auteur Peter van Halm. Die reactie geeft nog meer kleur aan de rol van Van Halm binnen het naoorlogse NVV. Daarnaast licht Witteveen een kritisch tipje op van de sluier over de interne sfeer binnen de verbondsorganisatie.

Wim van Halm vervult na de Tweede Wereldoorlog een belangrijke rol bij de wederopbouw van het NVV in de regio. Het accent van zijn werk ligt niet op de materiële belangenbehartiging, dat is aan de bonden, maar aan de culturele verheffing. Geheel in lijn van Henri Polak en de vooroorlogse AJC, waarin hij eveneens een inspirerende rol heeft gespeeld. Het hoogtepunt van zijn inspanningen betreft de viering van het 50-jarig bestaan van het NVV in 1956. Aan de veelheid van activiteiten werkt een keur van artiesten met een landelijke bekendheid mee, meestens uit de VARA-hoek. Daartoe behoren onder meer het lied Neem eens een snipperdag van De Spelbrekers, het boek Om de plaats van de arbeid van de historicus Frits de Jong Edz, de film Gouden Oogst van Max de Haas, het oratorium De vogel vrijheid van Lex van Delden en JW Schulte Nordholt en nog veel meer. Het succes van dit alles is groot, waarbij bedacht moet worden dat die jubileumviering plaatsheeft nog voor de televisie in brede kring zijn intrede heeft gedaan.
Van Halm heeft ook op het terrein van scholing en vorming zijn sporen nagelaten. De opzet van de naoorlogse kaderscholing – met als top de Centrale Kaderschool (CKS) – en de voor bezoldigden belangrijke economisch wetenschappelijke scholing bij de Arbeidersgemeenschap der Woodbrookers in Bentveld, is mede onder zijn inspirerende leiding tot stand gekomen.
Pijnlijk voor Van Halm is de opmerking van NVV-voorzitter André Kloos in zijn boek Het achterste van de tong: “Wat doet de vakbeweging bijvoorbeeld aan de culturele vorming van haar leden waardoor al die materiële zaken tenminste in het licht van een hoger gestemd doel zouden worden gebracht? Het antwoord op die vraag, die vanzelfsprekend het meest indringend wordt gesteld door de groep mensen die zichzelve graag ziet als de cultuurdragers in onze samenleving, kan kort zijn: weinig of niets.” De verhouding tussen beiden was al niet optimaal en is hierdoor niet beter geworden.

Ook van deze brief – van 20 mei 1997 –  is de typografische kwaliteit niet zo best, maar desondanks in pdf-formaat leesbaar.
Download de brief van Joost Molenkamp en bijlage