Het geheugen van de vakbeweging

Willem van der Stokker, charismatisch vakbondsbestuurder


Het eeuwige leven

Willem van der Stokker (1939-2018) zette debat over industriebeleid op de kaart

 

Als vakbondbestuurder maakte Willem van der Stokker in de jaren zeventig en tachtig de totale ontmanteling van de industrie in de regio Amsterdam mee: autofabriek Ford, de scheepswerf NDSM, Van Gelder Papier en Batco (British American Tobacco). Juist daardoor werd Van der Stokker een van de belangrijkste pleitbezorgers van de maakindustrie in Nederland. Peter de Waard herdenkt hem in de Volkskrant van 23 februari 2018.

Eind jaren negentig richtte Van der Stokker de Stichting Industriebeleid & Communicatie (SIC) op, waarmee hij aan de basis stond van het zogenoemde topsectorenbeleid. ‘Wat je daarvan ook mag denken, het heeft het debat voor industriebeleid in Nederland opnieuw op de kaart gezet’, zegt hoogleraar economie en SER-kroonlid Hans Schenk.

De wereld rond

Van der Stokker overleed 7 februari 2018 in Hoofddorp. Enkele jaren geleden was lymfeklierkanker bij hem vastgesteld. ‘Hij had voor een experimentele behandeling gekozen. Die leek te werken. Maar in november keerde de ziekte toch weer terug’, zegt zijn dochter Jacqueline van Popering.
Van der Stokker werd geboren in Eindhoven en ging na de oorlog naar de bedrijfsschool van Philips. Maar hij wilde meer van de wereld zien dan Eindhoven. Als werktuigbouwkundige monsterde hij aan op olietankers van Gulf en reisde de wereld rond.

Charismatische bestuurder

Zijn dochter vond het niet leuk dat haar vader zo vaak weg was en knipte uit protest zijn kostuums aan flarden. In 1966 trad hij na zeven jaar varen alsnog in dienst bij Philips, waar hij in de medezeggenschap terechtkwam. ‘Hij werd lid van de socialistische NVV, wat in het katholieke zuiden toch wel vloeken in de kerk was’, aldus zijn dochter. ‘In 1973 kwam Arie Groenevelt bij hem langs met de vraag of hij geen bestuurder wilde worden. Dat vond hij een mooie uitdaging. Mijn moeder vond het ook goed, als ze maar niet naar Amsterdam zou hoeven gaan. ‘Nee’, zei Groenevelt, ‘jonge bestuurders plaatsen we niet in Amsterdam.’ En het werd dus Amsterdam. Hij is er nooit meer weggegaan.’

Als charismatische bestuurder maakte hij naam bij de bezetting van de Fordfabriek, waar de Ford Cortina, Ford Taunus en Ford Escort werden geassembleerd. In 1975 kwam de fabriek in de verliezen. In 1981 sloot Ford in Amsterdam. Continu waren er nieuwe bedrijfsdrama’s. ‘Ik heb in mijn werkzame leven meer tijd besteed aan acties op de werkvloer dan aan cao-gesprekken aan de onderhandelingstafel’, zei hij.

Hoffelijk en dienstbaar

Later werd hij districtshoofd van de Industriebond FNV in Amsterdam. Toen het kantoor aan de Henri Polaklaan sloot, kwam Van der Stokker met het initiatief om er een museum van te maken en daarmee het erfgoed van de bond veilig te stellen. Tot zijn pensionering in 1999 was hij museumdirecteur. In die hoedanigheid organiseerde hij vele debatten over de toekomst van de Nederlandse industrie. Dat leidde tot de oprichting van SIC, waarvan Hans Schenk adviseur werd. Schenk zegt dat Van der Stokker iemand was die nog echt voor de arbeider opkwam. ‘Het betekende overigens niet dat hij altijd voor de vakbonden koos, soms kon hij ook het werkgeversstandpunt huldigen.’

Toen de scheepswerven sloten, richtte Van der Stokker een arbeidspool op die de ontslagen personeelsleden de kans bood op flexibele basis te werken op Schiphol. Toenmalig Randstaddirecteur Theo van den Berg werkte met hem samen. ‘Dat vonden de bonden niet leuk. Die wilden alleen vaste contracten.’ Volgens Van den Berg was Van der Stokker hoffelijk en dienstbaar. ‘Maar soms ook snoeihard en eigenwijs. Hij wist precies wat hij wilde. Als hij een vergadering belegde, kon je van tevoren de notulen al maken.’

Peter de Waard

Eerder gepubliceerd in de Volkskrant van 23 februari 2018
Met toestemming van de auteur overgenomen

Zie ook Willem van der Stokker (1939-2018)