Het geheugen van de vakbeweging

Werken en wonen

Vakbeweging en woningcorporaties

We zijn benieuwd of ‘De Nieuwe Vakbeweging’ een smalle of een brede zal zijn. Alleen arbeid en inkomen of veel meer belangen om voor op te treden. Vroeger was dat geen vraag. Wanneer je als arbeid(st)er naar voren trad dan was het vanzelfsprekend om je talenten op meerdere terreinen van het maatschappelijk leven te gebruiken. Het was een morele plicht om je voor de emancipatie van de arbeidersklasse in te zetten, bij welke zuil je ook hoorde.

Evert KupersEvert Kupers

Evert Kupers was zo iemand. De 25-jarige kleermaker-vakbondsman  Kupers behoorde in 1910 tot de oprichters van de Algemene Woningbouw Vereniging.  Zeven bestuursleden begonnen op 23 maart 1910 hun werk, voorgezeten door de jonge Kupers. Op 22 oktober werden de statuten koninklijk goedgekeurd.  Gewone mensen hebben recht op een rechtvaardig  loon, op veilige en gezonde arbeidsomstandigheden, op sociale zekerheid, op scholing en ontwikkeling en evenzeer op een goede betaalbare woning, zal Kupers gedacht hebben. De AWV maakte met onder andere de vakcentrale NVV en de Sociaal-Democratische Arbeiders Partij (SDAP) deel uit van de rode familie. De eerste ledenvergadering van de AWV werd gehouden op 14 juni 1911 in café de IJsbreker aan de Weesperzijde. Het bestuur was er in geslaagd H.P.Berlage aan zich te binden die op deze avond zijn ontwerpen voor woningen in de Tolstraat en de Transvaalstraat toelichtte. De Raad van Commissarissen werd benoemd waarvan onder andere Jan van Zutphen, de tweede man van de Diamantbewerkersbond,en Floor Wibaut, de fractievoorzitter van de SDAP in de Amsterdamse gemeenteraad, deel uitmaakten.
Kupers was voorzitter van het NVV van 1928 tot 1949 (onderbroken door de oorlogsjaren); hij zat vele jaren voor de SDAP en de Partij van de Arbeid in de Tweede Kamer, hij was hoofdbestuurslid van de VARA en president-commissaris van De Arbeiderspers. Kupers was bovendien een halve eeuw voorzitter van de AWV, tot 1960. Vanuit die hoedanigheid trok hij uit vakbondskring mensen aan voor het bestuur van de AWV van wie hij wist dat ze de woningbouwsector vanaf de werkvloer kenden. We noemen Kees Woudenberg, een meubelmaker die het bracht tot voorzitter van de Meubelmakersbond, tevens voor de SDAP actief in de Amsterdamse gemeenteraad  en secretaris van de partij, met een ruime kennis van de volkshuisvesting. Ze trokken samen zeventien jaar lang op als bestuurslid van de AWV. Evert Kupers en Kees Woudenberg zouden zich in hun graf omdraaien wanneer ze  kennis zouden nemen van het recente voorstel van het kabinet-Rutte om driekwart van de huurwoningen van corporaties in de verkoop te doen. De AWV fuseerde in 2008 met Het Oosten tot Stadgenoot, met 30.000 huurwoningen een van de grootste corporaties in Amsterdam. De laatste leden zijn onlangs uit de boeken geschrapt, van vakbondsinvloed op het beleid is al lang geen sprake meer. De woningcorporatie heeft ongeveer 400 medewerkers in dienst. De CAO Woondiensten, afgesloten door Aedes vereniging van woningcorporaties met FNV Bouw, CNV Hout en Bouw en de Unie, regelt de arbeidsvoorwaarden van ongeveer 25.000 werknemers.     
Harry Peer  
 

6 oktober 2012                                                                                

Geraadpleegde literatuur

Jos van der Lans, Het rode geluk. Een geschiedenis van de Algemene Woningbouw Vereniging, 2008.
Bob Reinalda over Evert Kupers, Biografisch Woordenboek van het Socialisme en de Arbeidersbeweging in Nederland, deel 8, pp. 130-140,  Amsterdam 2000.
Harry Peer, Kunstbroeders of meubelslaven. Uit de geschiedenis van de vakbeweging in de meubel- en houtsector, Amsterdam 2002.