Het geheugen van de vakbeweging

Ria de Graaf-Appelman, vrouw van de werkvloer

Onder Dak! – FNV Bouw 1982-2015

RIA DE GRAAF-APPELMAN:

‘IK WAS IN DE DELEGATIE DE VROUW
VAN DE WERKVLOER’

Ze hebben ongetwijfeld de wenkbrauwen even fronsend opgetrokken, de heren werkgevers die in 2010 met de bonden onderhandelden over een nieuwe bouw-cao. Aan de overkant van de tafel bestond de FNV-delegatie, onder aanvoering van sectorbestuurder Mieke van Veldhuizen, uit vijf vrouwen. Dat was nog nooit vertoond in het mannenbolwerk van de bouw.

Eén van de vijf dames was Ria de Graaf-Appelman, projectadministrateur bij bouwbedrijf Heddes. Het is bij FNV Bouw gebruikelijk om een kaderlid in de onderhandelingsdelegatie op te nemen. De sectorraad – het beleidsbepalend orgaan van de sector – kiest daartoe iemand uit zijn midden. In 2010 werd de administrateur uit het Noord-Hollandse Heiloo uitverkoren en zij zou tot en met 2015 aan het cao-beraad meedoen.

ONDERNEMINGSRAAD

De nu 68-jarige Ria de Graaf kijkt met genoegen terug op de periode dat zij deelnam aan het arbeidsvoorwaardenoverleg: ‘Ik vond dat een eer. Héél bijzonder.’ Bijzonder was het zeker want de sectorraad bouw bestond uit veertig mannen en één vrouw. En juist die vrouw kreeg deze vooruitgeschoven post toegewezen. De Graaf kwam niet onbeslagen ten ijs. Nadat ze in 1998 bij toeval bij bouwbedrijf Heddes was terechtgekomen, werd ze daar al een jaar later in de ondernemingsraad gekozen, waar ze het schopte tot vicevoorzitter. De ondernemingsraad werd namens de bond begeleid door bestuurder Mieke van Veldhuizen, die wel iets zag in de ambitieuze De Graaf en haar warm maakte voor het regionaal kaderwerk van de bond. Zo ging het balletje rollen en vond zij haar weg naar de sectorraad en vervolgens van daaruit naar de klankbordgroep voor de onderhandelingsdelegatie. Vanaf 2010 maakte ze deel uit van die delegatie en zat zij bij alle onderhandelingssessies over de bouw-cao.

UITHOUDINGSVERMOGEN

‘Het was uiterst boeiend om dat onderhandelingsspel te volgen en erin mee te spelen’, zegt ze. ‘Ik heb er een hoop van geleerd. Maar het vergt veel van je geduld en je uithoudingsvermogen’. Bijeenkomsten die duren van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat zijn geen uitzondering. En ook de nachtelijke uren worden, indien nodig, niet geschuwd. Dat betekent in vergaderingen zitten die zich eindeloos voortslepen, waarin wordt gekaatst en teruggekaatst en op de vierkante decimeter met procenten wordt gegoocheld, zonder zelf je mond open te doen. Want alleen de aanvoerders van de delegaties doen het woord. Het komt ook vaak voor dat alleen die aanvoerders met elkaar in conclaaf zitten; de rest van de teams moeten dan wachten in een andere ruimte. De Graaf: ‘Vervelen deed ik me niet want ik had altijd mijn laptop bij me. Mijn liefhebberij is genealogie en daar hield ik me in die verloren uurtjes mee bezig. En als ik heel vroeg of erg laat in Harderwijk moest zijn, waar de onderhandelingen werden gevoerd in het Bouw- en Infrapark, had ik daar ook een praktische oplossing voor. Dan sliep ik in onze caravan aan het Veluwemeer.’

GEEN WANKLANK

Heeft een kaderlid wel invloed in het steekspel tussen professionele onderhandelaars? ‘Wel degelijk. Je zit daar echt niet alleen voor de bühne’, zegt De Graaf. ‘Je bent om te beginnen nauw betrokken bij het formuleren van de cao-voorstellen. Maar ook tijdens het proces zelf speel je een grote rol. Je voert weliswaar niet het woord tijdens de onderhandelingen zelf maar vóór die sessies en tijdens schorsingen is de hele delegatie betrokken bij de onderlinge discussies. Ik was in dat gezelschap de vrouw van de werkvloer en degene met het dagelijks contact met de mensen voor wie de cao bestemd is. Ik knokte voor de punten die ik van belang vond: de positie van de ondernemingsraad, reistijdvergoedingen, een fatsoenlijke beloning voor jongeren en genoeg vakantiedagen om rust te kunnen nemen. Mijn inbreng heeft absoluut effect gehad. Achteraf moet je daarover trouwens verantwoording afleggen aan de sectorraad. Als je het niet goed doet, krijg je dat daar op je boterham. Ik heb nooit een wanklank gehoord. Integendeel, ik werd telkens herkozen in de delegatie.’

MOOI GEWEEST

De onderhandelingen in 2015 waren voor Ria de Graaf-Appelman de laatste. Door het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, kon zij niet meer worden herkozen in de sectorraad. Erg vindt ze dat niet: ‘Het is mooi geweest’. Bovendien heeft ze genoeg andere taken binnen de FNV. Ze heeft zitting in het ledenparlement en is in haar regio betrokken bij het plaatselijke vakbondswerk in Lokaal FNV. Tja, en er zijn ook nog kleinkinderen die graag de aandacht van oma willen hebben.