Het geheugen van de vakbeweging

Verslag VHV Vriendenbijeenkomst van 9 juni 2017

Vrouwenvakbondswerk: actie,
netwerken en beïnvloeding

Kitty Roozemond: … Ongewenste intimiteiten en seksisme op de vakbondsagenda…

Voor het vrouwenvakbondswerk geldt net als voor andere inspanningen in de vakbeweging, dat er mooie besluiten op papier kunnen staan, maar dat ze nog wel in de praktijk gerealiseerd moeten worden. Die conclusie trokken de drie inleiders op de VHV-vriendenbijeenkomst op 9 juni 2017 op basis van hun persoonlijke geschiedenissen in de vakbeweging: Kitty Roozemond (voormalig FNV Vrouwensecretariaat en vicevoorzitter FNV), Mieke Verhagen (kaderlid en voormalig bestuurder Voedingsbond FNV) en Ans van Uffelen (voormalig vrouwensecretaris bij de Dienstenbond FNV). De een legde daarbij het accent op de beleidsbeïnvloeding, de ander op acties aan de basis en soms op beiden. Of men maakte van de vakantie van mannelijke vakbondsbestuurders als Herman Bode en Wim Kok gebruik om er een plan door te jassen.

Die vrijdagochtend in de Burcht in Amsterdam viel de naam van de kortgeleden overleden Elske ter Veld veelvuldig. Als eerbetoon en uit respect omdat ze in de jaren zeventig en tachtig zo’n bepalende rol op het terrein van gelijke behandeling tussen man en vrouw had gespeeld. Kitty Roozemond betreurde het daarom dat in de kranten bij haar dood vooral Ter Veld als politica werd vermeld. Roozemond: ‘Door Elske kwam ik bij de vakbeweging hoewel ik niet veel met de bond had. Ik was studentenactivist en actief in de Rooie Vrouwen (PvdA), maar ik las haar columns in Opzij. Ik vond die hilarisch en geestig en Elske sloeg vaak de spijker op de kop.’ De sollicitatie bij de FNV verliep succesvol maar er waren ook twijfels (‘zo’n  grietje, zo van de universiteit, zonder enige vakbondservaring’). Bestuurder en FNV-loondeskundige Frans Drabbe had die twijfel ook ‘maar ik zou op hem gesteld raken en hij zou nog veel betekenen voor de gelijke behandeling.’

Seksuele intimidatie

Roozemond had geen idee waar ze in 1981 terechtkwam maar werd intensief door Elske ter Veld bij het Vrouwensecretariaat ingewerkt. Een veelomvattende taak. ‘Elske had geen auto en ik reed haar door het hele land. ‘s Ochtends om 7 uur ophalen in de Rijnstraat in Amsterdam en ‘s avonds om 10, 11 uur weer afzetten thuis.’ In die tijd stond binnen de FNV het Actieprogramma Vrouw en Arbeid op de agenda en werd uiteindelijk na langdurige discussies in de bonden en met vrouwennetwerken op het fusiecongres (van NVV en NKV, redactie) aangenomen. Vooral rond het thema ‘seksuele intimidatie’ bestond er grote verdeeldheid maar de meeste vrouwenzaken werden door dat congres aanvaard. Spanningen ontstonden er rond het thema Ongewenste intimiteiten. Roozemond: ‘Tijdens een uitzending van Sonja Barend werd aandacht geschonken aan dit thema. Men benaderde het FNV Vrouwensecretariaat als meldpunt voor klachten. Ik reed snel op de fiets naar het postkantoor om een postbus te openen. Toen ik enkele dagen na de uitzending eens ging kijken, puilde die uit. We deden dat gewoon spontaan. Maar het was ook het jaar waarin de Abvakabo boos uit het congres wegliep, omdat er een zinsnede over ongewenste intimiteiten zou worden aangenomen. Mannen als Jaap van de Scheur (Abvakabo) en Arie Groenevelt (Industriebond) waren tegen.’ Een bezoeker in de zaal vult aan: ‘hun mannen deden dat niet. Laat staan aan seksisme’. Kitty: ‘Toch zou dit het startsein zijn van een nieuwe benadering van deze thema’s en Elske zou later als staatssecretaris een congres in Europa organiseren over Seksueel geweld en Arbeid. Dat zou later uitmonden in een Europese richtlijn.’

Hiërarchie

Lang niet altijd werd de hiërarchische weg gevolgd zoals bij de discriminatie van werkende gehuwde vrouwen en de werkloosheidsuitkering. Toen de bestuurders Herman Bode en Wim Kok in 1984 op vakantie waren, kregen we het voor elkaar dat het federatie -bestuur akkoord ging met korte gedingen en die wonnen we de een na de ander. Roozemond: ‘Ik herinner me nog goed hoe Herman Bode later in een gesprek met het toenmalige CDA-bestuur deze aanpak van discriminatie hartstochtelijk verdedigde’.

Vrouwenstaking

Mieke Verhagen: … overstap van Industriebond naar Voedingsbond, daar zat Greetje Lubbi…

De vrouwenstaking van 30 maart 1981 was een landelijke actie van vrouwen, vooral gericht op legalisering van abortus. Het was ook een protest tegen de verslechterende positie van vrouwen, de werkloosheid die vrouwen in deze periode het ergst trof, tegen het kostwinnersbeginsel en tegen het omgangsrecht. Honderdduizend vrouwen verzamelden zich op de Dam en in heel Nederland kwamen er naar schatting 300.000 tot 500.000 vrouwen op de been. Het plan tot een vrouwenstaking leidde bij de FNV tot spanningen met autonome vrouwengroepen zoals de Bonte Was. Kitty: ‘Ik moest ons Nee uitleggen. Als pas afgestudeerde, moest ik toen naar de Oudemanhuispoort om uit te leggen waarom de FNV tegen de vrouwenstaking was. Dat was heel karaktervormend.’

Woedend

Mieke Verhagen, voormalig bestuurder bij de Vervoersbond FNVsector Havens stond in 1981 niet op de Dam. ‘Wij wilden zichtbaar zijn in de polder en hebben daar witte lakens uit ons raam gehangen en zijn met versierde bakfietsen door het centrum van Beverwijk en Heemskerk getrokken.’ (…) ‘Ik was woedend op de vakbeweging. Een jaar eerder was de abortuswetgeving aangenomen en verdomd, er werden ons alsnog 5 dagen bedenktijd opgedrongen. Weer geen beslissingsrecht. Het was onbegrijpelijk dat de vakbeweging daar niet achter ging staan. Als je ze nodig had, waren ze er niet,’ aldus Verhagen die uiteindelijk uit onvrede haar bond verliet en lid werd van de Voedingsbond FNV. ‘Daar zat Greetje Lubbi.’

Eldorado

Verhagen: ‘Ik was helemaal geen vakbondsvrouw en kom uit de vrouwenbeweging. Ongewenste seksuele intimiteiten, abortus en dergelijke waren hot items. Toen ik bij de Vervoersbond FNV werkte, stelde ik de seksistische kalenders aan de orde, o.a. van het automerk Pirelli. Die kalenders rukten we van de muur. Dan werden we bij de baas geroepen die ons dan vroeg: ‘Weet je wel hoeveel die kalenders kosten?’ en wij maakten hem dan duidelijk dat we hier kwamen om te werken en niet om neergezet te worden als een sekssymbool. Ik accepteerde dat niet’. Ze werd geïnspireerd door de radio-uitzendingen van Hoor Haar van Hanneke Groenteman op de woensdagochtend bij de VARA. Wonend in een nieuwbouwwijk met vierhoog trappenflats, leidde dat tot de oprichting van een eerste peuterspeelzaal. (‘Schande, zulke luie moeders’), later tot het Vrouwencafé en het Vrouwenhuis aan de Nieuwe Herengracht in Amsterdam. ‘Dat was een eldorado voor mij. Ik werd heel actief bij Wij Vrouwen Eisen. Die ervaring pasten we toe in de IJmond en zo ontstond de Ribgroep, Reuring in de polder.’ Haar betrokkenheid bij een streekschool, leidde tot een confrontatie toen een leerlinge door een stagebegeleider op de Hoogovens was aangerand. Mieke wilde het niet stilhouden: ‘Krijg nou wat. Dat nemen we niet. Er is meer aan de hand want iemand doet dat nooit voor de eerste keer. Dan is er meer aan de hand. Er is een sfeer waarin dat mogelijk is.’ Els Hoogerhuis van het Vrouwensecretariaat speelde in het verdere verloop een grote rol en zette het op de agenda. ‘Wij zeiden dat het een onderdeel van de arbeidsvoorwaarden zou moeten zijn. Bij de bond stond men er aanvankelijk niet open voor. Maar Els heeft de kar medegetrokken en het is goed uitgepakt,’ aldus Verhagen die met een goed gevoel op die tijd terugkijkt:’Ik heb als kaderlid heel veel gehad aan de Vrouwencommissie van de Voedingsbond alsmede de FNV-Zomerschool voor Vrouwen. Wat een enthousiasme, wat een energie, wat een inspiratie, wat een vakbondsvrouwen!.’

Verbod op ontslag bij huwelijk

Ans van Uffelen begon bij NVV Jongerencontact. Voor haar zijn scholing en opleiding de rode draad in haar vakbondsleven. ‘Vrouwen moesten een verdere opleiding volgen want ieder meisje ging tot dan toe naar de huishoudschool. Als je de mulo deed was dat al uitzonderlijk want je ging toch trouwen, was de heersende opvatting.’ De enige vrouwen die werkten waren ongehuwde vrouwen, veel vrouwen werden ontslagen als ze trouwden ook als ze dat niet wilden. Pas in 1973 kwam er verbod op ontslag bij huwelijk. Van Uffelen legt er de nadruk op want ‘jongeren van nu denken dat het altijd zo geweest is. Het is nog niet zolang geleden dat het voor vrouwen heel anders was; geen gelijk loon en het sprokkelen van baantjes. Vrouwen waren tweede rangwerknemers, er is hard voor geknokt en het is niet vanzelf gekomen. Onderwijs leidde tot verandering en nu zijn meiden vaak in de meerderheid op universiteiten en hoge scholen’.

Ans van Uffelen: … Vrouwen waren lang tweede rangwerknemers, er is hard geknokt, het is niet vanzelf beter geworden…

Ook Van Uffelen werd geconfronteerd met discriminatie van vrouwen. Gelijk loon was zeker in de dienstensector geen recht ondanks een richtlijn van de ILO (Internationale Arbeidsorganisatie) die in ons land pas heel laat in de jaren zestig werd ingevoerd. Deeltijdwerk, oproep- en huurcontracten waren in de jaren zeventig al heel gewoon voor vrouwen. Ze herinnert aan de acties in 1988 bij de bloemenveilingen in Aalsmeer. Daar stelden huisvrouwen bosjes bloemen samen in een ijltempo. ‘Dat deden ze bij oproep, ze hadden geen contract en maakten maanden achter elkaar lange dagen. Toen de crisis zich ook liet voelen in de bloemenbranche werden al die vrouwen ontslagen maar ze kwamen bij de bond. Wij stapten naar de rechtbank in Haarlem maar er was geen jurisprudentie over vrouwen die zonder contract werkten. De rechter bepaalde dat ook als er geen contract was en er niets op papier stond, deze vrouwen recht hadden op een ontslagvergoeding. Pas in 1993 kwam er een gelijke behandeling deeltijders en voltijders. Op al die punten hebben we gelijke rechten voor vrouwen gerealiseerd. Dat hadden we nooit voor elkaar gekregen als we dat niet met allerlei andere actiegroepen en instanties hadden samengewerkt,’ aldus Ans van Uffelen.

Kees van Kortenhof

Juni 2017

Enquête onder vakbondsvrouwen

Floor van Gelder (rechts) in gesprek met Mieke Verhagen: …VHV Vakbondsvrouewen enquête kan nog worden ingevuld …

Tijdens de VHV-vriendenbijeenkomst ging Floor van Gelder, VHV-bestuurder in op de enquête die de VHV-groep Geschiedenis Vakbondsvrouwen dit jaar uitzette, gericht op vrouwen die een rol hebben gespeeld in het vakbondsvrouwenwerk. In welke periode waren zij actief, in welke bonden/ sectoren of vakcentrale? Voor welke onderwerpen liepen zij warm? Vanwege de achterliggende vraag: wat is er in het vakbondsvrouwenwerk gebeurd?

De VHV-enquête 2017 is intussen door 55 vrouwen ingevuld. De meesten waren actief in NVV- en FNV-verband, een paar bij het NKV of CNV. Zij waren actief binnen de Industriebond, AbvaKabo en Dienstenbond, vanuit de Vrouwenbond natuurlijk, en een aantal binnen de onderwijsbonden. Een grote groep heeft bij het FNV Vrouwensecretariaat gewerkt. Zij waren kaderlid, beleidsmedewerker, bestuurder, emancipatiewerkster of vrouwensecretaris. Veel vrouwen hielden zich met tal van onderwerpen bezig, van gelijke behandeling bij arbeidsvoorwaarden en sociale zekerheid tot seksuele intimidatie en emancipatie binnen de vakbeweging zelf. Een enkeling is ook nu nog actief. FNV Vrouw (de Vrouwenbond) bestaat nog steeds en er is onlangs een nieuw FNV netwerk Vrouw opgericht met kaderleden uit de verschillende FNV sectoren. De activiteiten van het FNV Vrouwensecretariaat werden in 2006 beëindigd. De enquête kan ook nu nog worden ingevuld.

Ga naar…