Het geheugen van de vakbeweging

Willem Leegwater: … in 48 jaar heb ik veel problemen op het gebied van sociale zekerheid aan me voorbij zien komen. Het was dankbaar werk….

Onder Dak! – FNV Bouw 1982-2015

Willem Leegwater:
‘HET VERDRAG VAN MAASTRICHT VERTROUWDEN WE VOOR GEEN CENT’

Eigenlijk vond Willem Leegwater het twee jaar geleden wel welletjes. Hij is immers al 85 en na zes decennia als kaderlid op de barricaden te hebben gestaan werd het tijd het stokje over te geven aan een nieuwe generatie. ‘Maar waar zijn die nieuwe kaderleden?’, vraagt Leegwater zich in gemoede af. ‘Op facebook heeft iedereen commentaar, maar niemand komt in actie. Dat vind ik raar.’ En toen hij voor de zoveelste keer op de televisie hoorde dat de pensioenen gekort zouden worden, heeft hij zelf maar weer het heft in handen genomen. ‘Ik ben bezig een actieplan op te starten’, zegt hij strijdbaar. ‘We moeten de centrale banken aanpakken. Ik zeg: handen af van onze pensioenen!’

DANKBAAR WERK

Sociale zekerheid loopt als een rode draad door al het vakbondswerk dat Leegwater de afgelopen tientallen jaren op zich heeft genomen. Dat begon – hij weet het nog goed – al in 1965. ‘Ik werkte toen als betonvlechter bij een malafide onderaannemer. Nadat die failliet ging zat ik zestien weken zonder geld, dat was verschrikkelijk.’ Ten einde raad meldde Leegwater zich bij de afdeling van de bond in zijn woonplaats Hilversum en schreef hij zich in als lid. ‘Vier weken later was ik secretaris van de afdeling en ik ben tot 2013 lid van het afdelingsbestuur gebleven.’ In die 48 jaar heeft Leegwater alle mogelijke problemen op het gebied van sociale zekerheid aan zich voorbij zien komen. ‘Je komt van alles tegen. De een had problemen met de VUT, de ander met de WAO. En de WW klopte nooit. Als het moest ging ik naar de gemeente om de problemen op te lossen. Dat was dankbaar werk.’

EUROPA

Hoe belangrijk het stelsel van sociale zekerheid is, heeft Leegwater ook zelf aan den lijve ondervonden. ‘Op een gegeven moment kwam ik in de WAO terecht, dat is geen lolletje.’ Die ervaring heeft hem extra gemotiveerd om zich in te zetten voor uitkeringsgerechtigden. Zo was hij jarenlang voorzitter van de kadergroep voor uitkeringsgerechtigden voor Midden-Nederland. De gevolgen van de Europese eenwording voor de sociale zekerheid hadden daarbij zijn bijzondere belangstelling. ‘In 1992 werd het Verdrag van Maastricht getekend, zonder dat de bonden erbij betrokken waren. Dat vertrouwden we voor geen cent. Ik heb toen een Werkgroep Europa opgericht en daarmee hebben we hele grote evenementen georganiseerd. Ik ben ook veel in Brussel geweest om met andere landen te overleggen. We waren bang dat de sociale zekerheid afgebroken zou worden, daarom hebben we er hard voor geknokt dat er meer aandacht kwam voor de rol van de bonden.’

LUBBERS

Leegwater is heel wat keren voorop gegaan in de strijd. Zelfs bij het roemruchte bouwvakkersoproer voor de burelen van De Telegraaf in Amsterdam van 1966 was hij vooraan te vinden. Maar toen woedende demonstranten zich bij de grote WAO-manifestatie op het Haagse Malieveld in 1991 zich tegen toenmalig minister-president Lubbers keerden en hem zelfs te lijf wilden gaan, werd voor hem een grens overschreden. ‘Lubbers was toen de gezworen vijand, ze stonden op het punt om hem te molesteren. Ik stond toevallig bij hem in de buurt en kon hem nog net ergens naar binnen duwen. Anders hadden ze hem hartstikke doodgeslagen. Dat hoeft voor mij nou ook weer niet.’ Als het moet voert Leegwater strijd op het scherpst van de snede, maar gaandeweg heeft hij zich ook tot een vergadertijger weten te ontwikkelen. ‘Tijdens bondscongressen heb ik verschillende resoluties ingediend, bijvoorbeeld over de hoogte van de WW’, vertelt hij. ‘Daar was het bondsbestuur niet blij mee, maar hij werd wel unaniem aangenomen.’

GESTAALDE KADERS

Leegwater is een kaderlid van de oude stempel, de kneepjes van het vakbondswerk leerde hij van de gestaalde kaders. ‘Ik heb heel veel opgestoken van Marcus Bakker en Fré Meis’, zegt hij met trots. Namen van communistische voormannen uit een illuster verleden waar hij met weemoed aan terugdenkt. ‘We gingen op de barricaden voor meer loon. Dat kregen we voor elkaar, enkel door de strijd aan te gaan. Zo hebben we ook gestreden voor de WW en de WAO.’ Leegwater is fier op wat hij en zijn kameraden in de jaren zeventig en tachtig hebben weten te bereiken. Dat die verworvenheden nu langzaam maar zeker weer verloren gaan, stemt hem pessimistisch. ‘We zijn er eigenlijk niet veel mee opgeschoten’, sombert hij. ‘Natuurlijk zijn er dingen tot stand gekomen die niemand ons meer afpakt, bijvoorbeeld op het gebied van de arbeidsomstandigheden. Maar van de sociale regelingen waar wij zo voor hebben gevochten is niet veel meer over.’ Vooral als hij aan zijn kleinkinderen denkt, maakt hij zich zorgen. ‘Deze regering heeft alles verknald, jongeren van nu kunnen nog geen huis kopen en de AOW-leeftijd gaat steeds verder omhoog.’ Maar hoeveel zorgen hij zich ook maakt, berusten zal hij niet. ‘Ook al ben ik al 85, ik zal iedereen blijven oproepen om in actie te komen!’