Het geheugen van de vakbeweging

Literatuur

Vakbondsvrouwengeschiedenis

Vrouwenarbeid is zo oud als de wereld, de belangenbehartiging van hun belangen heeft een wat kortere geschiedenis. De literatuurlijst Vakbondsvrouwengeschiedenis biedt een goed overzicht van de verschillende aspecten ervan.

Algemeen

Loondruksters of medestrijdsters?
Vrouwen en vakbeweging in Nederland 1890-1920

In 1975, het jaar van de vrouw, schreef Joyce Outshoorn over het dilemma in de moderne vakbeweging tussen de onderbetaling van vrouwenarbeid en het loondrukkend effect daarvan op de lonen van mannen, en het recht van vrouwen op volwaardige arbeid met gelijk loon. Met welke argumenten pleitte de vakbeweging tegen vrouwenarbeid om de vrouw te beschermen of terug in huis te krijgen, en wanneer zette de vakbeweging zich in voor volwaardig werk voor vrouwen en  gelijk loon voor gelijke arbeid? Outshoorn geeft ook een helder overzicht over de vroegste vakorganisatie van vrouwen.

Joyce Outshoorn, in: Te elfder Ure 20, feminisme 1. Nijmegen, SUN, 1975.

 

Nationale en internationale dimensies aan de totstandkoming van
het NVV-Vrouwensecretariaat in 1959

Het ontstaan van het NVV Commissie Vrouwenarbeid en het NVV Vrouwensecretariaat werd in de geschiedschrijving over de vakbeweging aanvankelijk toegeschreven aan de vrouwen van de Vrouwenbond NVV. Bob Reinalda toont aan dat dit verbreed moet worden tot de vrouwelijke bestuurders van de bonden, die hoewel gering in aantal, cruciaal waren voor het vrouwenwerk en de belangenbehartiging van werkende vrouwen binnen de vakbeweging. Het NVV liep hiermee internationaal niet voorop. Om zich te oriënteren wat een succesvolle aanpak zou kunnen zijn, staken deze bestuurders hun licht op bij zusterbonden in Engeland, Duitsland en Zweden.

Bob Reinalda, in: Tijdschrift voor Politieke ekonomie, maart 1985.       

Tussen twee vuren
In vogelvlucht: Vijfendertig jaar Contactcommissie Vrouwenarbeid en dertig jaar FNV Vrouwensecretariaat

Dit overzicht van het vakbondsvrouwenwerk van NVV en FNV verscheen in 1989 onder redactie van Simone van der Meulen. Met interviews met baanbreeksters als  Co van den Born (DiBo), Babs Albrecht (Vervoersbond NVV) en met kaderleden als Wik van Vreedendaal (Dienstenbond), maar ook met bondgenoten als Frans Drabbe (FNV), Ruud Vreeman (Vervoersbond) en Xander den Uyl (Abvakabo) en met buitenstaanders als Bob Reinalda (Vakbondshistoricus) en  Hilda Verwey-Jonker (sociologe en lid van de SER).

Simone van der Meuken (red.), Amsterdam, FNV Vrouwensecretariaat, 23 september 1989.

Iedereen een eigen inkomen.
Terugblik op één eeuw vakbeweging en vrouwenarbeid

In 1990 was herijking van de wenselijkheid van het kostwinnersmodel, versus economische zelfstandigheid voor iedereen, een actueel thema. Deze terugblik, die overigens begon in 1860, geeft een goed overzicht over de geschiedenis van vrouwenarbeid en hoe vakbeweging en vrouwenbeweging de werkelijkheid benaderden. Johan Stekelenburg schreef in het voorwoord van dit onderzoeksverslag, dat het FNV congres van 1990 historisch genoemd mag worden, omdat de FNV ‘behoedzaam is begonnen met afscheid te nemen van het kostwinnersdenken’.

Eelco Wierda, Amsterdam, FNV- afdeling Onderzoek, november 1990.

Macht en onmacht.
Positieve actie als vakbondswerk

Eén van de projecten van FNV-2000, een actieprogramma uit 1988, was het positieve actie-project Voorrang voor Vrouwen. Deze bundel geeft voorbeelden van activiteiten uit verschillende regio’s en sectoren. Met bijdragen van onder meer Els Bos (Abvakabo, Twente ), Agnes Jongerius (Vervoersbond, streekvervoer en NS), Ans van Uffelen (Dienstenbond, Jaarbeurs Utrecht) en Tineke de Rijk over deeltijd voor vakbondsbestuurders.

Willy Dorsman, Amsterdam, De Balie, juni 1991.

Maandag tolereren we niets meer…..
Vrouwen, arbeid en vakbeweging 1945-1990

Maandag tolereren we niets meer

Zowel het ontstaan en de geschiedenis van de Vrouwenbond NVV/FNV, de KAV en het NVV/FNV Vrouwensecretariaat worden uitvoerig behandeld. Daardoor ontstaat er een geïntegreerd beeld van vrouwen in de vakbeweging, breder dan wat doorgaans in  overzichtsboeken gebruikelijk is. Het accent ligt op de periode na 1970, na de diskriminatiebeurs over de ‘uitverkoop van vooroordelen’ in Dronten, waar de uitspraak van Nel Tegelaar, Maandag tolereren we niets meer…. een gevleugelde uitspraak werd.

Corrie van Eijl, Amsterdam, IISG en Stichting FNV Pers, 1997.


Vrouwen in specifieke vakbonden

Sani Prijes van de Naaistersbond 1876-1933

Bij de hernieuwde belangstelling voor de geschiedenis van de vakbeweging en daarbinnen voor de geschiedenis van vakbondsvrouwen, was éen van de eerste vakbonden die de historici ‘ontdekten’, de naaistersbond Allen Een in Amsterdam. Sani Prijes, een begenadigd spreekster en propagandiste, was van het begin af aan de redactrice van het blad ‘De Naaistersbode’, later de Naaisters- en Kleermakersbode. Eenmaal  gehuwd met een onderwijzer, werd zij schrijfster van sociale romans onder het pseudoniem Sani van Bussum.

Peter-Paul de Baar, in: Vijfde Jaarboek voor de geschiedenis van socialisme en arbeidersbeweging in Nederland. Nijmegen, SUN, 1981

Drie cent in het uur.
Over naaisters, feministes en arbeiders rond de eeuwwisseling

Over de geschiedenis van de vakorganisatie van de naaisters vanaf de oprichting in 1897 van Allen Eén, door Roosje Vos. En over de positie van vakbondsvrouwen in de bond, na de fusie met de kleermakers in 1903.

Mirjam Elias, Amsterdam, FNV Vrouwensecretariaat, 1984.

Alida de Jong (1885-1943)
Een vakbondsvrouw van voor de oorlog

Alida de Jong, kostuumnaaister bij de Bijenkorf, werd in 1912 de eerste bezoldigde vrouwelijke vakbondsbestuurder, bij de Bond in de Kleedingindustrie in Amsterdam. Zij vertegenwoordigde haar bond van 1928-1940 in de Bestuursraad van het NVV en zat in de jaren dertig voor de SDAP in de Tweede Kamer, waar zij eveneens de belangen van werkende vrouwen behartigde.

Peter-Paul de Baar, uitgegeven door de Vrouwenbond FNV en de Alida de Jongschool, 1985.
Zie ook…

In het gareel.
Zoetwarenindustrie in West-Brabant, 1900-1986

In de chocolade- en koekjesfabrieken in Brabant werkten al begin vorige eeuw veel vrouwen en vooral meisjes. Over de eerste vakbonden bij Kwatta en de motieven van de rode en van de roomse bonden, om meisjes te organiseren.  En over de acties tot behoud van werkgelegenheid en tegen ontslag, toen de voedingsindustrie na WO II geleidelijk aan in het nauw kwam en fabrieken moesten sluiten.

Jannie Stegeman, uitgegeven door de Voedingsbond FNV, april 1987.

Fabrieksgeheimen.
De Industriebond FNV en het misverstand der seksen

Over de positie van vrouwen in allerlei sectoren in de Industriebond FNV, op basis van interviews met vrouwen die bij Philips werkten, de vrouwen van de staking bij Optilon in 1973, vrouwen in de schoonmaak en op kantoor, bij Hoogovens en Shell. En met sprekende portretten van vrouwelijke bestuurders als Anke Weidema (Metaalbewerkersbond ANMB), Jo Stuvé-Zwijnenburg  (Textielarbeidersbond De Eendracht) en Saskia van Hoek, in 1988 de eerste vrouw in het bondsbestuur.

Mirjam Elias, Amsterdam, IISG en Stichting FNV Pers, 1993.

Niet zeuren, doorzetten.
Veertig jaar bondsvrouwenwerk FNV Dienstenbond

In 1996 ging vakbondsbestuurster Mieke Veenstra met de VUT. Haar vertrek vormde de aanleiding voor dit overzicht over vrouwenwerk bij de Dienstenbond en de aandacht voor specifieke belangen van vrouwen binnen het bondsbeleid. Interviews met vrouwelijke vakbondsbestuurders, van Co van den Born en Mieke Veenstra tot Ans van Uffelen.

Amy Bais, Ans van Uffelen en Tineke de Rijk, Amsterdam, Stichting FNV Pers, 1996.

Tuinbroeken tussen het grijs.
ABOP Vrouwengroep 1978-1996

De ABOP-vrouwengroep, vanaf de eerste bijeenkomst voor vrouwelijke leden in 1976, tot de fusie van ABOP met NLG in 1996. Het laat zien hoe  ‘die vrouwen in tuinbroeken’ binnen de bond een positie hebben verworven en in de jaren tachtig het interne geweten van de ABOP zijn geworden. Specifieke thema’s als de verhouding tussen arbeid en zorg en de ATV discussie, kinderopvang, het seksisme op het FNV fusiecongres in 1981, en de strategie om een beleidsfunctionaris voor vrouwenzaken te realiseren.

Lilian de Bruijn, uitgegeven door de ABOP, 1996.

Dwarsliggers, drama’s en kroonjuwelen.
Twintig jaar Vakbonds Historische Vereniging

In deze bundel, uitgebracht bij het twintig jarig bestaan van de Vakbonds Historische Vereniging,  schreef Jan Varkevisser Vrouwen voor gelijkheid. Met een korte levensbeschrijving van zes vakbondsvrouwen die in de jaren ’50 actief waren in de NVV commissie Vrouwenarbeid en in 1994 op een schilderij werden vereeuwigd. Portretten van Anke Weidema, Nel Tegelaar, Co van den Born, Jo Stuvé-Zwijnenberg, Babs Albrecht en Tiets van der Meulen.

VHV, Amsterdam, Stichting FNV Pers, 2003.


Vrouwenbonden

Vrouwenbond NVV in beweging

In deze brochure wordt een beeld geschetst van 32 jaar Vrouwenbond NVV, waarin de bond zich ontwikkelde van achter de (mannen) vakbeweging naar stevig op eigen benen staan. Opkomend voor de maatschappelijke belangen van de vrouw, maar wel zij aan zij met de vakbeweging. Opvallend is, dat toen al in het voorwoord werd gesteld dat het voortbestaan van de Vrouwenbond onzeker was.
Saskia van Hoek, Uitgave Vrouwenbond NVV, 1980

Kranig en dwars
De Vrouwenbond NVV/FNV 1948-1998

In 1998 bestond de Vrouwenbond FNV vijftig jaar. Zij kan beschouwd worden als de grand old lady van de Nederlandse vakbeweging. Dit boek gaat over haar geschiedenis. In de jaren vijftig presenteerde de bond zich als trouwe vriendin in de klassenstrijd die het Nederlands Verbond van Vakverenigingen (NVV) voerde. Nu behartigt zij de belangen van vrouwen met betaald en onbetaald werk. De loyaliteit aan de vakbeweging is niet verdwenen, maar de bond is steeds zelfstandiger gaan opereren en zocht de vrouwenbeweging als partner erbij.

Marian van der Klein, Amsterdam, IISG, 1998

FNV Vrouwenbond 60. 1948-2008. 60 jaar handen uit de mouwen.

60 jaar Handen uit de mouwen FNV VrouwenbondMet zeven inspirerende portretten van vrouwenbondsvrouwen van diverse generaties, een overzicht van wat er in deze 60 jaar is bereikt. Een aantal bekende leden, zoals Agnes Jongerius, Jeltje van Nieuwenhoven, Gerdi Verbeet en Ineke van Gent vertellen waarom de Vrouwenbond belangrijk voor ze is en de bond nog steeds bestaansrecht heeft.
Eva Prins, Vilan van de Loo en Tineke van der Kraan. Uitgave FNV Vrouwenbond, 2008.
Het boek is hier te downloaden… 

NVV Vrouwenbond-FNV Vrouw 1948-2013.
Portretten van vrouwen die de Vrouwenbond een gezicht hebben gegeven.

De geportretteerde vooral oudere Vrouwenbondsvrouwen hebben allemaal een prachtig verhaal. Vrouwen van het eerste uur, pioniers mag je ze gerust noemen, gewone Vrouwenbondsvrouwen, die veel hebben gedaan en bereikt. Graag vertelden ze hun verhaal, hoewel ze het eigenlijk niets bijzonders vinden, hun Vrouwenbondsverleden.  Ieder verhaal is een stukje Vrouwenbondsgeschiedenis.

Siska Caneel, uitgave FNV Vrouw, 2013
Dit boek is hier te downloaden

Mijnwerkersvrouwen tussen kruis en schacht

Over de diocesane standsorganisatie van de Katholieke Arbeidersvrouwen (KAV) in Limburg en het emancipatiewerk van Mia Stollman in de jaren vijftig inzake opvattingen over huwelijk en gezin.

Carla Weijers in: Tussen aanpassing en verzet. Vrouwen voor het voetlicht 1929/1969. Culemborg, uitgeverij Lemma, 1989.

‘Roomse dochters’.
Katholieke vrouwen en hun beweging

In deze bundel over katholieke vrouwenorganisaties komen ook arbeidersvrouwen aan bod. Annie Kessel kwam in 1946 in dienst van de KAB om vrouwen van katholieke arbeiders te organiseren. Zij werd leidster van de KAV in het bisdom Breda. Ook de standsverschillen met de katholieke boerinnenbond en de burgerlijke vrouwenbeweging worden aangestipt. Mia Stollman kreeg in 1949 een soortgelijke functie in Limburg.  In beide hoofdstukken komt goed naar voren hoe de diocesaan leidsters de arbeidersvrouwen uit hun isolement probeerden te halen en mondiger maakten.

Marjet Derks, Catharina Halkes en Annelies van Heyst (red.), Baarn, Arbor, 1992.

Edelmoedig, fier en vrij.
Katholieke arbeidersvrouwen en hun beweging in de twintigste eeuw

De KAV werd opgericht om vrouwen van katholieke arbeiders bij te staan in de opvoeding van hun kinderen en de ondersteuning van hun echtgenoten. Gaandeweg werd de beweging een plek waar vrouwen leerden zichzelf te ontwikkelen, te ontspannen en elkaar te helpen. Zij spraken zich uit over vrouwenemancipatie, individualisering en secularisering. Onderlinge meningsverschillen luidden uiteindelijk het einde van de beweging in. ‘Edelmoedig, fier en vrij’ is het verhaal van pronte vrouwen die met vallen en opstaan hún beweging vormgaven.

Marjet Derks en Marijke Huisman. Hilversum, Verloren, 2002.

 


Vrouwenarbeid

Loonarbeid van vrouwen 1945-1955

Direct na WO II was er een groot tekort aan vrouwelijke arbeidskrachten. Alle krachten waren nodig voor de wederopbouw. Vooral ongehuwde vrouwen werden uit huis getrommeld, maar ook toen volgden de moraliserende beschouwingen over het effect van arbeid buitenshuis, de economische conjunctuur. Over het recht op arbeid van de huwende en de gehuwde vrouw, riep met name bij de confessionele politici nog steeds weerstand op, terwijl werkgevers met personeelstekort in hun fabrieken, bijvoorbeeld in de Twentse textielindustrie, daar geen moeite mee hadden. Tot slot een kort overzicht over de rol van de Vrouwenbond NVV en de Contactcommissie Vrouwenarbeid.

Els Blok, Nijmegen, SUN, 1978.

Kaatje ben je boven?
Leven en werken van Nederlandse dienstbodes 1900-1940

In dit boek wordt ruim aandacht besteed aan arbeidsomstandigheden en vakorganisatie onder dienstboden: de geschiedenis van de dienstbodenbond vanaf 1898, later de Bond van Huispersoneel, en de hernieuwde start in 1930 op initiatief van de AJC. Ook de verhouding met het NVV en de Nederlandse vereniging van Huisvrouwen, en de pogingen om een arbeidscontract te realiseren, komen aan bod.

Barbara Henkes en Hanneke Oosterhof, Nijmegen, SUN, 1985.

100 jaar vrouwenarbeid bij Philips

Productiewerk bij Philips was vooral meisjesarbeid. Vrouwen en meisjes fungeerden als ‘klapstoeltje’, makkelijk tegen laag loon aangenomen, snel weer eruit gegooid al naar gelang de omvang van de werkgelegenheid in de fabrieken.  Vóór WO I probeerde de R.K. Volksbond de jonge werklieden enigszins te beschermen. Het beleid van Philips was om alles en iedereen met sympathie voor vakorganisatie, buiten de deur te houden, zo nodig door ontslag van arbeiders en arbeidsters die hun lidmaatschap van de katholieke bonden niet wilden opzeggen. Het boek beschrijft ook de opkomst van parttime werk voor gehuwde vrouwen in de jaren zestig en de flexibele arbeid in de jaren tachtig.

Ien van der Coelen, Utrecht, Uitgeverij Jan van Arkel, 1991.

De zorg om het Philipsmeisje.
Fabrieksmeisjes in de elektrotechnische industrie in Eindhoven (1900-1960)

Deze studie behandelt deels hetzelfde onderwerp als 100 jaar vrouwenarbeid bij Philips, maar gaat uitvoeger in op patronen van vrouwelijkheid en hoe die een – paternalistische – rol speelden in de jeugdzorg en bij de ‘opvoeding’ van fabrieksmeisjes.

Annemieke Drenth, Zutphen, Walburg Pers, 1991.

Sekse op kantoor.
Over vrouwelijkheid, mannelijkheid en macht, Nederland 1860-1940

Hoe kantoorarbeid vrouwenarbeid werd. De opleidingen (Schoevers), de vakbonden voor vrouwelijk kantoorpersoneel, de werkgevers in het bedrijfsleven. De overheid als wetgever en als  werkgever.

Francisca de Haan, Hilversum, Verloren, 1992.

Honderd jaar vrouwenarbeid in de Industrie

Dit overzicht van werkgelegenheid van vrouwen in de afgelopen 100 jaar, verscheen onder auspiciën van de vakbonden die samen gingen in FNV Bondgenoten. Een overzicht over de industrialisatie, de lopende band, de wederopbouw en de lage lonen, en de strijd om de kwalificatie van vrouwenwerk.

Maarten van Klaveren en Kea Tijdens, Amsterdam, Stichting FNV Pers, januari 1998.

Feministische Openbaarheid.
De Nationale Tentoonstelling van Vrouwenarbeid in 1898

Dit boek beschrijft de geschiedenis van deze spraakmakende tentoonstelling, waarin vooral een lans werd gebroken voor nette arbeid voor vrouwen uit de middenklasse. Met tal van congressen en inhoudelijke bijeenkomsten. Er was een grote Industriezaal waar aandacht was voor vrouwen uit verschillende bedrijfstakken, werkend met moderne machines. Aan het vraagstuk van de dienstboden werd een aparte bijeenkomst gewijd.  Ook de discussie tussen socialisten en feministen wordt goed uit de doeken gedaan.

Maria Grever en Berteke Waaldijk, Amsterdam, IISG/IIAV, 1998.


Publicaties van vakbondsvrouwen

In de Vakbeweging

Bij het 50- jarig jubileum van Koningin Wilhelmina verscheen een boek waarin vijfentwintig vrouwen lieten zien hoe de Nederlandse vrouw in die periode was geëmancipeerd, wat haar positie was inzake burgerrechten en op de arbeidsmarkt, en hoe zij ‘als volwaardig mens’ in de maatschappij was opgenomen. Anke Weidema schreef het hoofdstuk over vrouwen in de vakbeweging: het eerste algemene overzicht over dit onderwerp, kort en bondig maar baanbrekend.

Anke Weidema, in: Vrouwen van Nederland 1898-1948. De vrouw tijdens de regering van Koningin Wilhelmina. Amsterdam, 1948.

Werkt u ook zo graag voor niks?
Of: Hoe vrij is het vrijwilligerswerk

De Vrouwenbond NVV hield in 1978/79 een uitgebreid onderzoek onder de leden over vrijwilligerswerk. Karin Adelmund, voorzitter van de Vrouwenbond NVV, schreef er een analyse over het vraagstuk van betaalde en onbetaalde arbeid. De samenhang tussen de economische conjunctuur, de bezuinigingen van het kabinet en de ideologie waarmee vrouwen werden aangemoedigd, zo niet moreel gedwongen het wegbezuinigde en onbetaalde  werk voor hun rekening te nemen, kwam hierin glashelder naar voren.

Karin Adelmund, in: Socialistisch-Feministische teksten 3, Amsterdam, Feministische uitgeverij Sara, 1979.

Naar een Vermogens- en Afwas Deling
Of: Wat socialistisch-feministen met het vakbondswerk willen

In deze Soc-Fem teksten wordt het dilemma besproken of vrouwen een eigen vakbond zouden moeten oprichten, of toch beter binnen de bestaande bonden, hoe vrouwonvriendelijk en seksistisch ook, kunnen blijven opereren. Een pleidooi voor verandering van binnen uit.

Mac Vijn, In : Socialistisch-Feministische teksten 4, Amsterdam, Feministische uitgeverij Sara, 1980.

Flexibele contracten in de gezinszorg.
Tegenstrategie van ondernemingsraden

In 1973 werd de ‘alpha-hulp’ geïntroduceerd, ondanks verzet van de gezinsverzorging en van de vakbeweging. Dit was het begin van flexibilisering van de arbeid en verslechtering van de arbeidscontracten: min-max-, afroep- en nuluren-contracten.  Nelly Altenburg, actief lid van de werkgroep Marflex , in 1983 opgericht door het FNV Vrouwensecretariaat, bespreekt in dit artikel de rol van de ondernemingsraden. Zij laat zien dat een OR veel meer kan ondernemen om dergelijke tweederangs contracten tegen te houden.

Nelly Altenburg, in: Tijdschrift voor Politieke ekonomie, maart 1985.

Handboek Vrouw en Beleid

Een handleiding over beleidsbeïnvloeding, in theorie en praktijk. Met actiestrategieën, stappenplan onderhandelen, tactiek bij conflicten, weerbaarheid en publiciteit.

Lidwi de Groot en Elske ter Veld,  Amsterdam, Feministische uitgeverij Sara, 1985.

Voorbij de retoriek.
Sociaal Europa vanuit twaalf invalshoeken

Een kritische analyse van de voorbije decennia, waarin het sociale Europa is achtergebleven bij het marktgerichte Europa. Met een pleidooi van Ieke van den Burg en Jan Cremers voor meer aandacht voor en bemoeienis van Europa met sociaal beleid: ingrijpen gewenst.

Ieke van den Burg e.a. (red.), Amsterdam, Wiardi Beckman Stichting / van Gennep, mei 2014.

Alles draait om zeggenschap.
Ieke van den Burg: columns 2009-2014

De columns, die in dit boekje staan, schreef Ieke van den Burg voor het blad Zeggenschap in de periode december 2009 tot twee weken voor haar dood in september 2014. Ze begon haar columns in 2005, toen zij nog in het Europees parlement zat. De columns in dit boekje zijn bij haar Europese afscheid in 2009 gebundeld in ‘Zeggenschap in Brussel’. Hoe divers dit gedachtegoed is en hoe doorleefd haar opvattingen zijn, is goed te lezen in deze bundeling.

Amsterdam, Uitgeverij Zeggenschap, september 2014.