Het geheugen van de vakbeweging

Siska Caneel

“Alles wat ik bij de Vrouwenbond had geleerd kon ik in mijn werkkring goed gebruiken”

In 2012, 2013 heeft Siska Caneel een groot aantal verhalen opgetekend van ‘Vrouwenbondsvrouwen’. Deze zijn gebundeld in het boek De Vrouwenbondsvrouwen, 1948 – 2013, 65 jaar Vrouwenbond(s)levens. In het boek ook een gesprek met haarzelf, een Vrouwnenbondsvrouw sinds 1977 uit Arnhem.

Siska Caneel, schrijfster van Vrouwenbondsvrouwen 1948-2013Siska Caneel, schrijfster van Vrouwenbondsvrouwen 1948-2013

“Opeens was ik huisvrouw, geen betaald werk meer en een baby op de arm. ABVAKABO FNV liet weten dat ik nu lid van de Vrouwenbond kon worden. Dat leek me goed, want ook ik ben opgevoed met de boodschap dat je lid van ‘de bond’ hoort te zijn. Zo gezegd zo gedaan. En nu ik mijn baan kwijt was, had ik veel behoefte aan andere contacten. 
Zo meldde ik me al snel bij de afdeling Arnhem en een jaartje later vroegen ze me in het bestuur. Mevrouw Dibbets was voorzitter en mevrouw Otten beheerde de penningen. Babydochter Mirjam ging mee naar de vergaderingen, daar had niemand moeite mee. Helaas verhuisde ik niet veel later naar Deventer, waar ik nooit een afdeling heb ontdekt. 
Een oproep in de Binding deed mij besluiten weer te gaan schrijven. Mijn eerste artikel schreef ik over Europa, daarvoor interviewde ik Rita Naloop van TIYE. Vele jaren heb ik in de redactie gezeten met onder andere Ingrid Cramer, Ine Bosman, Roos Abbink, Yvonne Rhee. Daarnaast werd ik actief in het district Gelderland, waar ik veel samenwerkte met Dajen Edelkoort en Jolanda Kirpensteijn. 
Met onder andere Marijn en Roxanne zat ik in de scholingscommissie die werd begeleid door Anita Lureman. Ik volgde cursussen in de Born. Discussietechniek, spreken in het openbaar, enz. Daar heb ik mooie herinneringen aan. Ik heb er veel van geleerd. Zelf heb ik ook bij afdelingen door het hele land scholing en informatie gegeven. Later terug in Arnhem werd ik onder meer afgevaardigd naar de Provinciale Vrouwenraad en FNV Lokaal. De kinderen werden groot en ik vond weer een baan. 
Bijna 10 jaar heb ik bij de Vrouwen Alliantie gewerkt, totdat toenmalig minster De Geus een grote inschattingsfout maakte. Volgens hem was de emancipatie voltooid en werd de Alliantie opgeheven. Bij de Vrouwen Alliantie werkte ik onder andere met Marianne Dauvellier, Susan Huijbregts, Twie Tjoa, Cindy Maatje en Petra Verdonk, ook allen actief bij de Vrouwenbond. 
Ondertussen was ik landelijk voorzitter van het Landelijk Politiek Scholings Centrum voor vrouwen geworden. Alles wat ik bij de Vrouwenbond had geleerd kon ik in mijn werkkring goed gebruiken. Ik werd ook raadslid en zelfs fractievoorzitter. Zonder al mijn ervaring bij de Vrouwenbond had ik dat allemaal nooit gekund. De Binding werd opgeheven en ik werd lid van het netwerk 50+ vrouwen. Eind 2003 werd ik gevraagd me kandidaat te stellen voor het bestuur van de Vrouwenbond. En ik dacht ja, na 30 jaar actief te zijn geweest op zo veel terreinen binnen de Vrouwenbond is dat goed. Je kent het veld, de vrouwen in het land, je weet waar je het over hebt. 
Ik kwam er oude bekenden, zoals Rita Duijn en Anya Wiersma en oud-collega’s van de Alliantie tegen. En nu, in de zomer van 2013 zijn onze drie termijnen om en gaan we uit het bestuur. Dit bestuur heeft er hard aan meegewerkt om het vrouwenwerk binnen de nieuwe structuur van de FNV vorm te geven. FNV Vrouw is geboren. Tijd om los te laten, de touwtjes over te dragen. De Binding en het Vrouwen Magazine zijn er niet meer, de oude netwerken zijn opgeheven, de Vrouwenbond slaat een nieuwe weg in. 
Een frisse groep jonge bestuurders staat te trappelen om aan het werk te gaan. Moderne vrouwen, met nieuwe ideeën en actief met de sociale media. Ik wens ze veel succes en hoop nog veel van ze te horen. Gefeliciteerd met het jubileum, vrouwen op kantoor, Tineke, Truus en Jenny, en alle anderen. Dank voor de jarenlange samenwerking. Voor mij is het goed zo.”