Het geheugen van de vakbeweging

Soldaat op wacht bij de puinhopen van het Infanterieschietkamp Harskamp, 26 oktober 1918

Eerste Wereldoorlog – de afloop

Muiterij op de Harskamp, het begin van de Revolutie?

In de nazomer van 1918 wordt het duidelijk dat de Eerste Wereldoorlog (WO I) op niet al te lange termijn zal aflopen. De komst van het Amerikaanse leger draagt ertoe bij dat de bloedigste oorlog die de wereld tot dan toe heeft gekend, zal uitlopen op het verlies voor Duitsland. Maar het is niet alleen het einde van de oorlog, die de aandacht trekt. Al in 1917 wordt in Rusland duidelijk dat de oorlog ook grote, ingrijpende sociale gevolgen zal hebben. De Russische revolutie, die zich in twee fasen voltrekt, brengt de communisten in dat land aan de macht. Politieke geestverwanten in andere Europese landen zien in de machtsgreep van Lenin een voorbeeld van gewenste veranderingen. Niet langer het grootkapitaal, maar de arbeidende klasse zal heersen. Piet Hazenbosch analyseert…

Nederland is weliswaar buiten de feitelijke oorlog gebleven, maar ook in het Koninkrijk zijn de gevolgen onmiskenbaar merkbaar. De economie is als gevolg van gebrek aan grondstoffen en het nagenoeg wegvallen van de internationale handel, min of meer in elkaar gestort. Voedselschaarste dreigt voortdurende en is op sommige momenten nadrukkelijk manifest. Wanhopige mensen zijn opzoek naar eten. Er breken hier en daar dan ook – snel onderdrukte – rellen uit.

In de loop van 1914 is het Nederlandse leger gemobiliseerd. Honderdduizenden jongemannen verlaten gedwongen huis en haard om hun dienstplicht te vervullen. Een dienstplicht, die vooral bestaat uit eindeloze oefeningen en oeverloze verveling. Soldaten leven dicht op elkaar gepakt in vaak primitieve omstandigheden, zijn matig tot slecht bewapend en Jan Soldaat wordt door veel officieren nogal eens met de nek aangekeken. De soldij is laag, de prijzen in de kantines hoog. Het enige lichtpuntje in het donkere soldaten leven is het verlof: weg uit dagelijkse sleur, weer voor even verenigd met geliefden, familie en vrienden.

Intrekken van de verloven

In oktober 1918 beginnen de Duitse legers aan hun terugtocht uit Noord-Frankrijk en België. De Nederlandse opperbevelhebber, generaal C.J. Snijders, besluit op 23 oktober 1918 alle verloven in te trekken. Hij vreest dat de terugtrekkende Duitsers wel eens een veilig heenkomen kunnen zoeken door het zuiden van Limburg. In zijn zienswijze wordt Nederland dan alsnog bij de oorlog betrokken en dat wil hij – gegeven de strikte neutraliteitspolitiek – voorkomen. Zijn besluit valt uitgesproken slecht bij de militairen, waarvan velen eerder hoopten op demobilisatie.

Op vrijdag 25 oktober slaat de vlam in de pan. De soldaten op Infanterieschietkamp (ISK) Harskamp maken die dag een lange mars. Bij terugkeer in de barakken blijkt er te weinig voedsel, althans voor de soldaten, want de officieren doen zich tegoed aan een ruime maaltijd. Een fietsenrek vliegt door het raam van de officiersmess. Overste Fabius, de commandant van de legerplaats, poogt het gevaar te bezweren. Hij verlangt inlevering van de scherpe patronen, maar de opstandige soldaten weigeren dat. Aardappels vliegen – zo wordt verteld – door de lucht. De meeste officieren kiezen het hazenpad. De soldaten grijpen hun kans en bestormen de officierskantine, die vervolgens grondig wordt geplunderd. De drankvoorraad wordt stevig aangesproken en rond middernacht liggen de meeste manschappen in kennelijke staat op hun brits.

Plunderen personeelskantine

De volgende dag is de rust zeker niet weergekeerd. Soldaten weigeren orders na te komen. Eerst een paar, later meer, plunderen de personeelskantine, waarbij opnieuw stevig gebruik wordt gemaakt van de voorradige drank. Maar de amok beperkt zich niet tot de kantine. De ruiten van de barakken worden ingegooid en officieren worden met stenen bekogeld. Rond een uur of drie is de anarchie compleet. De kantine staat in brand, andere gebouwen worden in brand gestoken. Soldaten beginnen het kamp te verlaten, als zij geen verlof krijgen dan nemen zij het wel. Veel van de manschappen zijn afkomstig uit de provincie Drenthe en daarom verdwijnen zij in noordelijke richting. Zij lopen, fietsen of proberen met de trein de militaire basis te verlaten. De chaos is compleet als de brand het munitiedepot bereikt dat dan ook ontploft. Veel officieren zoeken een veilig heenkomen in nabij gelegen legerplaatsen. Toch wordt onder leiding van een jonge officier, luitenant Vonk, geprobeerd de orde te herstellen. Hij laat over de hoofden van de vluchtende soldaten schieten in de hoop hen op die manier weer tot rede te brengen. Hij slaagt min of meer in zijn opzet, want langzaam keert de rust in het kamp terug. Uit omliggende kazernes worden troepen aangevoerd om de muiterij de kop in te drukken.

Bericht uit het Algemeen Handelsblad van 28 oktober 1918

De kranten doen vanzelfsprekend uitvoerig verslag van de muiterij. De wildste geruchten komen in omloop. Er wordt gesproken over 60 doden, maar in werkelijkheid verliest niemand het leven. Volgens sommigen ook omdat de opstandige soldaten erg slechte schutters blijken. Overigens leidt de berichtgeving over Harskamp ook tot rellen in andere kazernes. De leef- en werkomstandigheden zijn daar niet echt beter dan op de Veluwe, terwijl de grieven gelijk zijn. De praktijk is dat die relletjes snel de kop worden ingedrukt.

De wegvluchtende Harskamper militairen worden op allerlei manieren achterhaald en teruggebracht naar de legerplaats. Er wordt verteld dat een groep het station van Amersfoort bereikt, maar het station niet uitkomt omdat de treinen naar het Noorden overvol zijn. De beloofde extra-trein rijdt niet richting Groningen, maar naar De Vlasakker, een grote militaire basis nabij Amersfoort.

Troelstra ziet revolutionaire geest

De vraag is hoe de muiterij op Harskamp moet worden beoordeeld? Zeker is dat het de opperbevelhebber van het Nederlandse leger zijn kop kost. Generaal Snijders is al langer omstreden, maar koningin Wilhelmina verhindert zijn ontslag.  Als het kabinet een onderzoek naar de gebeurtenissen aankondigt en naar de in het algemeen slechte omstandigheden in het leger, neemt Snijders ontslag. Troelstra drong een dag eerder op zijn vertrek aan en ziet het ontslag van de hoogste militair als een positief signaal. Hij ziet in het ontslag, maar zeker ook in de muiterij een bevestiging van de revolutionaire geest die door Europa waart. Het is niet uit te sluiten dat sommigen van de muiters inderdaad ook politieke motieven hebben als zij in opstand komen. Toch ligt een andere verklaring meer voor de hand. De soldaten zijn het spuugzat. Pestende officieren, in hun ogen zinloze oefeningen, eindeloos wachtlopen, slechte huisvesting, te weinig en slecht eten, de dreigende Spaanse griep. Het intrekken van de verloven is de druppel die de emmer doet overlopen. Niet de geest van de revolutie is vaardig, maar de uitzichtloosheid van het militaire bestaan. De soldaten muiten, zij beginnen geen revolutie!

Piet Hazenbosch
Oktober 2018

Lees verder…