Het geheugen van de vakbeweging

Fred van Anrooij: …internationale betrokkenheid en solidariteit zijn van groot belang voor de vakbeweging, gelukkig is de FNV sterk vertegenwoordigd op het wereldtoneel…

Onder Dak! FNV Bouw 1982-2017

Fred van Anrooij:

‘JE MERKT OVERAL AAN DAT DE WERELD VERHARDT’

Er zijn weinig kaderleden die zoveel vrijwilligersfuncties vervullen bij de vakbeweging als Fred van Anrooij (66) uit Goes. Op zijn cv staan er een kleine twintig, waarvan veel op het gebied van internationale zaken. Hij heeft er bijna een dagtaak aan. ‘Ik kan moeilijk nee zeggen’, is zijn bescheiden uitleg. Daar staat tegenover dat hij het nee van een ander ook moeilijk kan accepteren als het gaat om een zaak die hem nauw aan het hart ligt. Toen de vakbondsfusie van 1 januari 2015 aanstaande was en FNV Bouw zijn zelfstandigheid als bond ging verliezen, werd de klankbordgroep Internationale Zaken, waarin Van Anrooij zitting had, opgedoekt. Niet meer nodig, oordeelde de toenmalig algemeen secretaris. ‘Ik was het daar absoluut niet mee eens’, zegt Van Anrooij. ‘Elke sector binnen de nieuwe FNV moet een kadergroep hebben die zich met internationale zaken bezighoudt.’ Hij bewoog hemel en aarde, spande de juiste mensen voor zijn karretje en wist de oprichting te bewerkstelligen van de Werkgroep Internationale Solidariteit (WIS) Bouw. De werkgroep, die bestaat uit een achttal kaderleden, adviseert het sectorbestuur over het internationale beleid en is betrokken bij tal van activiteiten en campagnes. De groep houdt zich onder meer bezig met projecten in Qatar, het Midden-Oosten, Myanmar en Turkije en ijvert ook voor duurzaamheid van materialen als natuursteen en hout.

STERK VERTEGENWOORDIGD

‘Internationale betrokkenheid en solidariteit zijn van groot belang voor de vakbeweging’, betoogt Van Anrooij. ‘Gelukkig zijn we als FNV sterk vertegenwoordigd op het wereldtoneel. We zitten in de Internationale Arbeidsorganisatie ILO en we zijn actief in de Europese en de internationale bouw- en houtbonden. Ook steunen we projecten in ontwikkelingslanden. Ik zie het als een plicht om wereldwijd onze collega’s te helpen in hun vakbondsstrijd. We moeten doen wat we kunnen voor hen die worden onderdrukt vanwege hun vakbondsactiviteiten. En aan de andere kant moeten we internationaal opereren om ons teweer te stellen tegen de nadelen van globalisering en de macht van multinationals.’

DE WERELD VERHARDT

Dat zijn krachtige argumenten voor een stevig vakbondsoptreden buiten de landsgrenzen. Toch constateert Van Anrooij tot zijn spijt dat de belangstelling daarvoor bij leden en kaderleden betrekkelijk gering is. Hij wordt niet moe de internationale zaak bij zijn bondscollega’s te bepleiten en roept hen regelmatig op om bijeenkomsten in dat kader te bezoeken. Maar moet nogal eens meemaken dat hij als enige uit de sector aanwezig is. ‘Hoe dat komt? Ik denk dat men niet goed weet wat er in het internationale werk speelt. Men verdiept er zich ook niet in. We leven nu eenmaal in een tijd dat mensen vooral op zichzelf zijn gericht. De solidariteit zakt weg. Je merkt overal aan dat de wereld verhardt. Kijk naar de vluchtelingenproblematiek, kijk naar de presidentsverkiezingen in Amerika, kijk naar de opkomst van partijen als de PVV. Dat zijn zorgelijke ontwikkelingen.’

ERBARMELIJKE OMSTANDIGHEDEN

Een concreet onderwerp waar het Zeeuwse kaderlid zich de laatste tijd mee bezighoudt, is de situatie van de buitenlandse arbeiders in Qatar. In die woestijnstaat aan de Perzische Golf wordt in 2022 het wereldkampioenschap voetballen gehouden. De bouw van stadions en de benodigde infrastructuur is in volle gang. Het werk wordt vooral gedaan door arbeidskrachten uit arme landen als India, Bangladesh en Nepal. Die worden naar de Golfregio gelokt met mooie beloften die, eenmaal ter plaatse, niet worden nagekomen. De afgesproken lonen worden niet betaald en de paspoorten van de migranten worden afgepakt zodat ze in de val zitten. Van Anrooij: ‘Er is sprake van systematische uitbuiting. De arbeiders leven onder erbarmelijke omstandigheden. Ze werken zes dagen in de week meer dan twaalf uur per dag in temperaturen van 50 graden of meer. De arbeidsomstandigheden zijn slecht, zodat er veel ernstige ongelukken gebeuren. De voorspelling is dat het aantal dodelijke slachtoffers kan oplopen tot vierduizend. En de arbeiders worden ook nog eens op een mensonterende manier gehuisvest. De internationale bouwbond BWI en de FNV komen op voor de werkers in Qatar.’ Van Anrooij vestigt de aandacht op de problematiek in Qatar op vakbondsbijeenkomsten en hield er een powerpointpresentatie over voor een internationale commissie van het ledenparlement.

VEILIGHEIDSKUNDIGE

Fred van Anrooij was tot zijn pensionering werkzaam in de houtsector. Hij was onder meer arbo-coördinator en veiligheidskundige bij houthandel PontMeyer, waar hij ook veertien jaar voorzitter was van de ondernemingsraad. Eenmaal vrij man vatte hij het plan op om aan de slag te gaan als zelfstandig veiligheidskundige. Een plan dat hij voorlopig in de ijskast heeft gezet omdat de vakbeweging en het internationale werk hem teveel opeisen. ‘En daar ligt mijn hart’, zegt hij ten overvloede.