Het geheugen van de vakbeweging

Martje Boltes, hoofdpersoon historische roman over de landarbeidersbond

“Als Martje Boltes, direct nadat zij de mannen geholpen heeft een wagen met aardappelen te lossen, de keuken binnenkomt, is de boerin bezig de tafel te dekken voor het avondeten. Wil jij nog even het melkgerei schoonmaken Martje? … Zij is het met de gang van zaken niet eens. De boer en de boerin houden zich niet aan de gemaakte afspraken. ’s Avonds gelijk aan tafel, dat was nadrukkelijk de afspraak. Het schoonmaakwerk als afsluiting van de dagtaak zou voor rekening komen van Herke, de inwonende knecht”.

Vaandel Nederlandse Bond van Arbeiders in de Land- Tuinbouw en Zuivelbedrijf afdeling Schoonoord (Drenthe)Vaandel Nederlandse Bond van Arbeiders in de Land- Tuinbouw en Zuivelbedrijf afdeling Schoonoord (Drenthe)

In 1913 is Martje Boltes 15 jaar oud en als meid werkzaam op een Friese boerderij. Zij heeft het er niet gemakkelijk. Geboren en getogen in het veen te Appelscha probeert zij de wereld te begrijpen. Opgevoed in de traditie van de Friese Christen Socialisten is zij van mening dat de kerk zich te weinig verzet tegen de maatschappij waarin de arbeiders er vaak bekaaid afkomen. Martje zoekt naar andere inspiratiebronnen. Zij vindt die bij Troelstra en  Domela Nieuwenhuis. Conflicten met de kerk en haar ouders zijn het resultaat. Later ontmoet Martje een geestverwant in Arend Jelgersma met wie zij trouwt en 15 kinderen krijgt. In 1923 verhuizen Martje en haar man Arend naar het Eenerveld in de gemeente Norg (Noord Drenthe). In diepe armoede leven zij in een nieuw huisje midden op de heide. Albert wordt gemeenteraadslid voor de SDAP in deze liberale gemeente en penningmeester van de NVV-landarbeidersbond. De geschiedenis van Martje en Albert is op papier gezet door hun oudste zoon.

Ger Hageman

Martje en Albert zijn in de literatuur over de vakbeweging niet te vinden. Sterker nog, zij hebben nooit bestaan. Martje en Albert zijn bedacht door Ger Hageman (geboren 1917), oud-bestuurder van de Algemene Nederlandse Landarbeidersbond, de NVV-voorganger van de Voedingsbond FNV. Naar aanleiding van het leven van zijn ouders en zijn eigen belevenissen als bezoldigd bestuurder in de landbouw in Noord Nederland heeft hij een omvangrijke historische roman geschreven.
De vader van Hageman, Halbe genaamd, was net als Albert een plaatselijke vakbondsbestuurder. In de eerste decennia van deze eeuw vestigt het gezin Hageman zich als pionier in het veengebied rond Norg. De belevenissen van Martje en Albert beslaan ongeveer het leven van de ouders van Ger Hageman, de periode van 1913 tot het midden van de vorige eeuw. Het is de periode waarin ook de moderne landarbeidersbond onder haar eerste bezoldigde bestuurder (1904-1938) en latere voorzitter Pieter Hiemstra in het hele Noorden een stevige voet aan de grond krijgt.
Met de historische roman laat Hageman de ontwikkeling van het Fries-Drentse ontginningsgebied tot een bloeiend landbouwgebied zien. Dat gaat gepaard met grote armoede en persoonlijke tragedies voor de pioniersfamilies. Met behulp van de bond, in de echte wereld vooral onder leiding van Halbe Hageman, proberen de arbeiders de nood nog enigszins terug te dringen. Hageman doet dat niet alleen als vakbondsman maar ook als gemeenteraadslid van de SDAP en later PvdA.
Ondanks het vele werk wat door Arend Jelgersma wordt verzet is hij niet de echte hoofdpersoon in het boek. Dat is Martje Boltes. De centrale lijn van het manuscript, in de woorden van schrijver Hageman is “Hoe Martje Boltes handen en voeten wist te geven aan een leven van strijd en miskenning”. Behalve de strijd om het dagelijkse brood komen de huiselijke zorgen en problemen met de gezondheid van het 15 kinderen tellende gezin aan bod. Tijdens een uitstapje naar de Groninger klei wordt ook de tegenstelling tussen de grote boeren en hun landarbeiders duidelijk.
Al lezend ontstaat daarmee een beeld van het leven van een landarbeidersgezin en de rol van de vakbond in de eerste helft van deze eeuw in Noord Nederland. Inmiddels is schrijver Hageman overleden. Zijn zoon, ook Halbe genaamd, zoekt overigens nog steeds naar een uitgever van het manuscript.

Eerd Westerom

“Jaar na jaar werkte Eerd met succes voor de bond. Hij zette zijn schouders onder het bondswerk. Van een kleine beweging groeide de Nederlandse Christelijke Bouwarbeidersbond uit tot een organisatie waarmee rekening werd gehouden”. Het manuscript van Ger Hageman is niet de enige historische roman waarin een vakbondsgezin centraal staat. Ter gelegenheid van het 85-jarig bestaan van de Hout- en Bouwbond CNV besluit deze bond om de geschiedenis van de bond in romanvorm vast te leggen. Voor deze klus vraagt de bond Dieuwke Winsemius, schrijfster van verschillende historische romans. De toon van het boek is anders dan bij Hageman. Zo lukt het Eerd Westerom soms om een conflict met een christelijke timmermanspatroon te beslechten door hem te dreigen met het inschakelen van de christelijke patroonsbond. De ideeën van Colijn, bijvoorbeeld over bezuinigingen, worden niet bij voorbaat afgewezen. Net als Arend Jelgersma kijkt Eerd Westerom verder dan alleen het vakbondswerk. Eerd zoekt het in het organiseren van zomerkampen en excursies voor jeugdige werklozen. Daar leren zij een vak en wordt tevens verbondenheid aan de christelijke vakbeweging gestimuleerd. De sfeer van de crisis dringt ook in het gezin van Eerd en Aaltje Westerom door. Zoon Siemen kan zelfs met zijn diploma Meestertimmerman geen werk vinden. Moeder Aatje is ook hier degenen die bemoedigende woorden spreekt en de werkloze zoon aan het werk houdt met allerlei klusjes.
Vanuit een verschillend gezichtspunt geven de romans van Hageman en Winsemius een beeld van de ontwikkelingen in de maatschappij in de eerste helft van deze eeuw. De rol van de bond in de strijd voor een beter bestaan van de arbeider hebben zij gemeen. Hageman beschrijft het vanuit de rode zuil, Winsemius vanuit de christelijke. Beiden maken daarmee op een bijzondere manier de rol van de vakbond en van de vrouwen van vakbondskaderleden in het verleden duidelijk.
Christ Essens
Eerder verschenen in de VHV Nieuwsbrief in de reeks Tastbaar verleden (1999-2000)

Geraadpleegde literatuur:

G.J. Hageman, manuscript zonder titel, 1999. Informatie van Halbe Hageman, Norg 2000
Dieuwke Winsemius, Wie timmert aan de weg …, Hout- en Bouwbond CNV, Kok Kampen, 1985