Het geheugen van de vakbeweging

Koninkrijk vol sloppen

“De goorheid in de grachten, sloppen en schamele woningen was fenomenaal”

We weten inmiddels heel wat af van de arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden van de arbeiders die zich bij de aanvang van de industrialisatie in vakbonden organiseerden. In één woord samengevat: beroerd. We kennen de verdere aanduidingen: kinderarbeid, veel te lage lonen om de voortdurend stijgende kosten van levensonderhoud te kunnen betalen, ongezonde en onveilige arbeidsomstandigheden, afbraak van het traditionele vakmanschap, werkdagen oplopend tot wel zestien uur per dag.

Boekomslag Auke van der Woud, Koninkrijk vol sloppenBoekomslag Auke van der Woud, Koninkrijk vol sloppen


Dezelfde personen die zich zo moedig inzetten voor lotsverbetering zullen veelal in de achterbuurten en in het vuil van de dorpen en steden in ons land hebben gewoond, die zo beeldend en inlevend beschreven zijn in de baanbrekende veelgeroemde studie Koninkrijk vol sloppen. Op een gegeven moment ruik je de stank van riolen, grachten en lichaamsgeuren. Auke van der Woud haalt in zijn boek meteen enkele heilige huisjes omver. Nederland was geen door en door burgerlijk land zoals de historicus Johan Huizinga altijd betoogde. Nederland was een zeer gesegregeerde standenmaatschappij, “door het gepraat en geschrijf over de burger en het burgerlijke als nationale identiteit zijn we vergeten dat een groot deel van de bevolking niet de kennis, niet het taalgebruik, niet het besef, niet de scholing, niet het geld, niet de juiste kleding, lichaamshouding, oogopslag, lichaamsgeur, en niet de noodzaak of uitdaging had om met een burger serieus over cultuur of maatschappij te kunnen praten”. Van de Hollandse zindelijkheid, een andere door Huizinga geprezen nationale deugd blijft bij lezing van dit boek evenmin iets over. Van der Woud: “Er valt niet aan te ontkomen: de goorheid in de grachten, sloppen en schamele woningen was fenomenaal”. Het ligt voor de hand dat het gebrek aan hygiëne in deze vreselijke woon- en leefomstandigheden de gezondheid van mensen aantastte en de hieruit voortkomende epidemieën veel slachtoffers eisten.

Auke van der Woud heeft met Koninkrijk vol sloppen een waardevolle aanvulling gegeven op onze kennis over sociale geschiedenis. Het is een rijke bron van informatie van vele facetten van het menselijk bestaan in de negentiende eeuw: over wonen, werken, gezondheid, het denken over de rol van de overheid en de vrije markt, internationale vergelijkingen, de aanpak van de mensonterende toestanden, het aanhalen van uiteenlopende wetenschappelijke onderzoeken en van observaties van tijdgenoten, enz. De vele illustraties laten niets aan de verbeelding over.
Op één punt heeft Auke van der Woud het echter zo gauw hij in de toekomst kijkt helaas mis. Dan gaat het om zijn uitspraak dat het door Berlage ontworpen gebouw van de Diamantbewerkersbond de komende honderd jaar als Vakbondsmuseum de roem van de vakbeweging levend zal houden. Maar wie neemt hem dit kwalijk? Een paar jaar geleden dacht iedereen dat ,,.
Harry Peer
Dwarsligger Nieuwsbrief VHV nr. 4, 2011