Het geheugen van de vakbeweging

Spiegelbeeld van sociaal-liberaal Bernardus Heldt

Klaas Kater, principieel protestants-christelijk vakbondsman (1833-1916)

De in 1916 overleden Klaas Kater is een gerespecteerd vakbondspionier in protestants-christelijke kring. Niettemin schrijft Harry Peer over de flater van Kater. Wat wordt daarmee bedoeld?

klaas-kater-1833-1916
Klaas Kater, oprichter van Patrimonium

Zo rondom de Kerstdagen 2016 past het de principieel protestants-christelijke vakbondsman Klaas Kater nog eens in herinnering te roepen.  Jezus zag het levenslicht in het jaar nul, Kater in 1833. Ik had Kater vanzelfsprekend moeten opnemen in de opsomming van de in 1916 overleden Nederlanders die een emancipatorische rol hebben vervuld voor hun respectievelijke achterbannen. Zie mijn eerste column in de Nieuwsbrief van begin 2016. Bij deze dus, het is nog niet te laat. Klaas Kater werd in 1833 geboren in Aalsmeer, groeide op in Amsterdam en na een lang en veelbewogen leven blies hij daar op de gezegende leeftijd van 83 jaar de laatste adem uit op 26 oktober 1916. Vanuit de algemene vakbondsgeschiedschrijving kennen we Kater voornamelijk als de man die in 1876 de protestants-christelijke arbeiders losweekte uit het neutrale Algemeen Nederlands Werklieden Verbond (ANWV).  We kunnen de oprichting van Patrimonium (Vaderlijk erfdeel) zien als een uitdrukking van de wording van de protestants-christelijke zuil. De aanleiding was de keuze van Bernard Heldt en zijn ANWV voor de liberale onderwijspolitiek en daarmee dus een stellingname tegen de christelijke school.  In de geschiedschrijving van de christelijk-sociale beweging krijgt onze hoofdpersoon een prominentere plek. Voor meer details zie de hieronder vermelde literatuur.

Heldt, Katers spiegelbeeld

bh-heldt_klein
Bernard Heldt, oprichter van het Algemeen Nederlands Werklieden Verbond (ANWV)

Klaas Kater heeft veel gemeen met leeftijdgenoot Bernardus Heldt (1841-1914), de oprichter en voorzitter van het ANWV.  Ze hebben elkaar vanwege het Amsterdamse en hun vakbonds- en politieke activiteiten goed gekend.  Ze zullen elkaars pad vaak hebben gekruist. Klaas Kater heeft zijn moeder evenwel nooit gekend, ze stierf toen hij één jaar oud was; beide mannen verloren hun vader op jonge leeftijd en groeiden op in moeilijke, arme omstandigheden.  Heldt richtte in 1864 de lokale meubelmakervereniging Amstels Eendracht op,  Kater werd in 1872 lid en korte tijd later voorzitter van de metselaars- en opperliedenvereniging Door Eendracht Saamgebracht.  Het leven van deze twee sociale pioniers staat met die van vele socialisten en katholieken in het teken van  de drie grote maatschappelijke vraagstukken in de laatste decennia van de negentiende eeuw en het begin van de twintigste eeuw: de sociale kwestie, de schoolstrijd en de kiesrechtstrijd.  Beide roeiden tegen de wassende stroom op van het socialisme.

Wees en Wanderbursche

Op veertienjarige leeftijd belandde Kater  met zijn broers en zusters in het Amsterdams Diaconieweeshuis. Waar de meeste arbeiders in hun strijd voor lotsverbetering tegenwerking van de kerk en van rijke machtige geloofsgenoten ondervonden en om die reden het onderdrukkende geloof van zich afschudden, hield Kater er daarentegen stevig aan vast, ontleende hij er kracht aan. Voordat Kater zijn uiteindelijke bestemming vond – een opleiding voor de zeevaart en als onderwijzer afbrak – werkte hij in allerlei banen, als boerenknecht, steenkoperknecht, metselaar, zelfs  als bijbelcolporteur rondzwervend door Nederland en Vlaanderen.  Ik zou die periode als Wanderbursche in Katers leven niet willen aanduiden als er een van twaalf  ambachten en dertien ongelukken, maar eerder als een teken zien dat Kater van alle markten thuis was. En daarmee in eigen kring en daarbuiten als mannetjesputter respect zal hebben afgedwongen.  We proeven iets van de indruk die Kater op zijn omgeving moet hebben gemaakt in de beschrijving van G.J. Schutte: “Kater was een boom van een kerel en voor niemand bang. Niet iemand om gemakkelijk stil te krijgen, ook niet in roerige arbeidersbijeenkomsten. Hij was een gehaaide debater en een goed spreker, ietwat ruw en volks maar effectief”.  Kater trouwde in 1863 met Barbera Pauws, het huwelijk bleef kinderloos.

De flater van  Kater

Kater behoorde met onder andere zijn patroon de sociaal voelende  Willem Hovy tot de negen mannenbroeders die op 3 januari 1876 in een woonkamer aan de Lindengracht in Amsterdam de werkliedenvereniging op christelijke grondslag Patrimonium oprichtten. Vergelijkbaar met Heldt die decennialang het boegbeeld was van het ANWV, domineerde Kater als voorzitter, redacteur en administrateur van Patrimonium.  Kater veroordeelde de werkstaking en wees sociale wetgeving van de hand omdat deze rechten van zowel werkgevers als ouders aantastte.  Voor een vakbondsman die samenwerking met de patroons vooropstelt en niet door wil bijten als het erop aankomt zit daar geen toekomstperspectief in.

Kerstmis was ook in Katers jaren een feest, een viering met de boodschap van vrede op aarde. Maar wel in roofstaat Nederland. Het harde kapitalisme ondermijnde de veronderstelde harmonie van het christelijk ideaal. Binnen de Anti-Revolutionaire Partij kwam Kater in conflict met Abraham Kuyper vanwege het voortdurend negeren van Patrimonium-leden voor politieke organen. Waar Heldt voor de sociaal-liberalen in de Tweede Kamer zat (1885-1901) werd Kater dat in de ARP onmogelijk gemaakt.  Kater zat in een spagaat, noem het wat platter de flater van Kater. Katers tragiek is dat zijn geloofsovertuiging de volledige ontplooiing van zijn vakbondswerk onmogelijk maakte. Tegelijkertijd vonden de hoge heren die voor de emancipatie van de “kleine luyden”  opkwamen arbeiders als Kater te gering om als volksvertegenwoordiger op te treden. Kater moest zelfs dulden dat het christelijk sociaal congres hem in 1891 links passeerde doordat het de oprichting van de patroonsvereniging Boaz toestond. Kater vatte dat op als een veroordeling van de door hem voorgestane samenwerking van patroons en werklieden. Maar we kennen Kater ook als de zelfbewuste man die in 1887 onverschrokken met de hoge heren van de Enquêtecommissie over nachtarbeid van vrouwen en allerlei andere voor arbeidersgezinnen herkenbare zaken sprak. Tweede Kamerlid Heldt die deel uitmaakte van de commissie zal hem met zijn werkmansachtergrond meer dan wie ook hebben begrepen.  Klaas Kater, honderd jaar geleden overleden, maar nog steeds niet vergeten, al  is het maar omdat veel Nederlanders in een naar hem genoemde straat wonen.

Harry Peer

December 2016

Geraadpleegde literatuur

P.J. Meertens en J. van der Molen, Klaas Kater, Biografisch woordenboek van het Socialisme en de Arbeidersbeweging in Nederland, pp. 89-92, Amsterdam 1988.

G.J. Schutte: Voorlopers: Klaas Kater, Voorlopers en dwarsliggers, pp. 27-31. Cahier over de geschiedenis van de christelijke-sociale beweging (2), Amsterdam/Utrecht  1998.

Jeroen Koch, Abraham Kuyper. Een biografie, pp. 407-408. Amsterdam 2006.