Het geheugen van de vakbeweging

Het gezicht van de vakbeweging Zuid Limburg 1

Verantwoording

De Vakbondshistorische Vereniging heeft de IISG-serie Biografisch Woordenboek van Socialisme en Arbeidersbeweging in gedachten gehad toen de afgelopen jaren het initiatief werd genomen om portretten samen te stellen van mannen en vrouwen die veel voor de vakbeweging betekend hebben of dat zelfs nog doen. De vakbewe ging. niet als organisatie of als apparaat. maar als middel om de werkende mens bij te staan en te ondersteunen. Vakbondswerk is mensenwerk. Het wordt gedaan door mensen. Het is voor mensen. Het is de moeite waard om meer systematisch vast te leggen wie die mensen zijn die zich zo ingezet hebben voor de vakbeweging. De serie ‘Het gezicht van de vakbeweging’ waartoe dit deel behoort, wil in die omissie voorzien.

We hebben als vereniging voor een eigen aanpak en uitwerking gekozen. Belangrijke overeenkomsten met de IISG-publicaties vormen de aanpak van individuele portretten en de opdeling in afzonderlijke uitgaven. Een belangrijk verschil is de meer journalistieke, alledaagse benadering van de VHV ten opzichte van de wetenschappelijke benadering van het IISG. Van de vakbondsmannen en -vrouwen is geprobeerd vooral een persoonlijk portret te maken. Uit welke kringen komen ze, wat deden ze, wat ging goed, wat fout en wat vinden ze er zelf van. De portretten zijn met opzet niet al te uitgebreid. Het is al met al een galerij van uiteenlopende geschiedenissen. Elk deel wordt voorzien van een algemene inleiding waarin de aandacht uitgaat naar het bijzondere karakter van de vakbeweging in de specifieke regio en naar de eigen regionale geschiedenis.

Eerste aanzet

De eerste twee delen in de serie ‘Het gezicht van de vakbeweging· zijn tot stand gekomen door de grote inzet van regionale werkgroepen. Uiteraard kreeg de selectie van personen die een ‘portret’ verdienden veel aandacht. De werkgroepen realiseerden zich dat ze met hun werk niet meer dan een eerste aanzet wilden geven en zijn noch uit geweest op volledigheid – sowieso onhaalbaar – noch op een volledig harmonieuze selectie . Volgende delen moeten meer evenwicht brengen in de selectie. Dat evenwicht geldt ook voor de beroepsgroepen, sectoren en natuurlijk de verschillende vakorganisaties. Latere publicaties moeten eventuele scheefgroei recht trekken.

De regio’s Rotterdam en Zuid Limburg zijn de kwartiermakers. Beperken we ons in dit deel tot de Zuid-Limburgse situatie dan zien we dat zich lange tijd een actieve werkgroep heeft ingezet. Harm Duursma trad daarbij op als eerste aanspreekpunt. Andere leden van de groep zijn Piet Booij, Piet Göbbels, Herman Hamers, Frans Hol, Mat Janssen, Ger Klinkenberg, Huug Klooster, Leo Noy, Fer Pfeiffer en Jan Schipper. De werkgroep had het grote geluk dat Mat Janssen bereid was de interviews voor zijn rekening te nemen.

Verschillende sponsoren maakten financieel de uitgave van deze publicatie mede mogelijk. Daaronder Abvakabo FNV, Abvakabo OZL, Vakbond ABW, AZL, CNV Vakcentrale, FNV afdelingen Kerkrade en Maastricht, DSM/Stichting FSI, IVR Maas -Rijn, Macintosh, Vakbond De Unie en verder dank zij royale medewerking van FNV Bondgenoten . FNV Bondgenoten gaf ook op andere wijze belangrijke ondersteuning onder meer door vergaderfaciliteiten aan te bieden en de afdeling Traffic (Utrecht) beschikbaar te stellen voor de grafische vormgeving van de publicaties. Laura Bouma nam die taak op zich, met plezier en met een mooi resultaat.

Huug Klooster

Voorjaar 2008