Het geheugen van de vakbeweging

Henk Wijninga
Henk Wijninga, vakbondsbestuurder in de categorie ‘ruwe bolster, blanke pit’


Tegenspeler van Stork

Henk Wijninga (1950-2020)

Henk Wijninga was een bestuurder in de categorie ruwe bolster, blanke pit. Maakte het werkgevers lastig, maar stond als een blok voor zijn leden en kaderleden. Soms kon Henk ook hard zijn naar collega’s, had het hart op zijn tong en als je Henk echt leerde kennen ontdekte je achter die harde muur een lieve zachtaardige man. Henk begon zijn vakbondsloopbaan bij de KWJ, de Katholieke Werkende Jongeren. Later werd hij bestuurder bij de Industriebond NKV en via verschillende fusies uiteindelijk bestuurder bij FNV bondgenoten. Eind april 2020 is het overleden.

Henk was ruim 22 jaar dé vakbondsman bij Stork. Door zijn jarenlange ervaring bij het bedrijf kende hij het bedrijf Stork/Fokker tot in de haarvaten. Hij wist verbinding te maken met de eigen achterban met een zeer stevige kaderstructuur maar ook met de bedrijfstop, waarin hij een speler was waar niet alleen rekening mee werd gehouden maar naar wie ook op veel punten geluisterd moest worden. Henk organiseerde de vakbondspositie zo dat hij altijd het stakingswapen had om zich te verzekeren van invloed. Bij Stork werd dat actiewapen ook bij grote regelmaat gebruikt om regelingen voor werknemers tot stand te brengen. Maar Henk wist in de belangenstrijd altijd in gesprek te blijven met de directie van het bedrijf. Hij kon ook meedenken en zaken in goede banen leiden. Naar alle partijen toe kon Henk met vierkante woorden en krachtig optreden, gezag afdwingen. En als Henk tirades afstak, stond er een man met heel veel kenmerken van wat wel wordt gezien als de klassieke vakbondsbestuurder. Krachtig, bot, overtuigend, scherp. Maar altijd in staat om een deal te kunnen maken.

Stork

Henk Wijninga over Aad Veenman (Stork)
Henk Wijninga over Aad Veenman (Stork), uit de Volksrant van 29 juli 2008

In de laatste jaren van zijn tijd bij Stork waren alle jaren van ervaring en een sterke vakbondspositie keihard nodig, toen een groot steekspel ontstond met nieuwe financiers. De hedge fondsen Centaurus en Paulson stelden zich op als activistische aandeelhouders. Om hun aandeelhouderschap te gelde te maken stuurden zij aan op opsplitsing van het bedrijf en de verkoop in delen. Henk trok ten strijde om het bedrijf bijeen te houden en de werkgelegenheid te garanderen. Het verhaal werd voorpaginanieuws in Nederland. Henk heeft het Nederlandse publiek kennis laten maken met dit voor velen nog onbekende fenomeen van hedge fondsen en private equity investeerders. De term sprinkhanen werd geïntroduceerd en Henk werd de voorman van de vakbondsstrijd om de werknemersbelangen overeind te houden tegenover het internationale grootkapitaal.

Hij reisde de wereld over, stond in de belangstelling van de internationale media, organiseerde stakingen, spande rechtszaken aan, liep Den Haag plat van minister tot kamerleden en maakte coalities met leden van de bedrijfstop om rampen af te wenden. Dag en nacht werkte Henk aan dit grote vraagstuk en hij werd een speler waar men niet meer om heen kon. Na 2 jaar strijd met opstandige aandeelhouders leek het concern Stork weer in rustiger vaarwater te zijn gekomen toen het Britse private equity bedrijf Candover het bedrijf overnam in november 2007.

De grote boosdoeners waren weg, Henk had de werknemersbelangen stevig op de kaart gezet, maar wist ook dat het bedrijf door alle perikelen was verzwakt en een volgende ronde in ging. Hij gaf het stokje over aan zijn opvolgster Hettie Keizers en wilde na zijn tropenjaren bij Stork zijn vakbondsloopbaan graag afbouwen in een omgeving waarin vraagstukken rond opleiding en arbeidsmarkt centraal stonden.

Aanvaringen met FME

In een nieuwe omgeving behield Henk zijn karakter. In die omgeving kreeg hij zware aanvaringen met de vertegenwoordigers van de FME in het bestuur van het sectorfonds Arbeidsmarkt en Opleiding in de Metalektro. Henk wilde als werknemersvoorzitter zich niet laten lenen voor louter bediening van ondernemers. Zowel in de zeggenschap als in de besteding van middelen zocht Henk naar meer gelijkwaardigheid, maar trof in de FME een taaie tegenstander. Daar waar hij in de complexiteit van Stork nog tot deals wist te komen, werd het bestuur van het opleidingsfonds een aaneenschakeling van conflicten waarin de werkgeversorganisatie het fonds eigenlijk claimde als een instituut dat moest dansen naar de pijpen van de ondernemers. Het frustreerde Henk zeer dat er zo weinig zaken konden worden gedaan. Gelukkig was de samenwerking met werkgevers in andere fondsen beter en kon Henk daar wel bevrediging van zijn harde werken vinden. En in Jan Derijck vond hij een maatje met ook veel vakbondservaring, ook een KWJ en NKV verleden, met wie hij lief en leed kon delen.

Al snel was er bovendien een groot vraagstuk ontstaan door de grote financiële crisis van 2007/2008. Er kwamen regelingen rond Werktijdverkorting en Deeltijd WW, waarin werknemers ook scholing moesten krijgen voor de uren waarin niet werd gewerkt. Er kwamen Sectorplannen om de werkgelegenheid voor de toekomst te behouden. Daarin werden Servicepunten Techniek opgericht waarin overheid en sociale partners mensen uit de techniek konden helpen bij het vinden van werk in de sector als hun baan verloren ging. Grote vraagstukken, waarin Henk graag zijn tanden zette. Netwerken, lobbyen, vergaderen, bellen, stukken produceren en het versturen van mails, heel veel lange mails. Henk zond duizenden mails en niet alleen overdag. Henk leefde niet altijd gezond, maar zijn energie leek grenzeloos. Met al zijn energie en kracht heeft hij ook op dit terrein alles gedaan wat hij had om de belangen van werknemers te dienen.

Zanzibar

Na zo’n 6 jaar kwam ook deze klus ten einde. Henk ging in 2014 met pensioen. Dat werd gevierd met een onvergetelijk afscheid in zijn stamkroeg Zanzibar in Utrecht, Wijk C . Van alle kanten werd Henk geroemd om zijn inzet en kracht. Een man waar niemand omheen kon. Maar al kon Henk nog zo hard en zelfs bot zijn, wie met hem had gewerkt kende ook zijn warme hart en gevoeligheid. In zijn hart behield hij iets van een kwajongen uit een arbeidersbuurt, die kon genieten van de streken die hij had uitgehaald.

Henk was altijd een bron van anekdotes en heerlijke verhalen. Die misten wij al na zijn pensionering vanuit de sector Metaal. Niet voor niets raakt het overlijden van Henk ruim 5 jaar na zijn pensionering, nog veel collega’s die met hem werkten. Een onvergetelijke man.

Jacqie van Stigt, Jos Brocken en Tineke Moleman

Mei 2020