Het geheugen van de vakbeweging

Saskia Boumans tijdens het uitspreken van haar column op de VHV Vriendenbijeenkomst van 16 november 2019 – Foto Els Huizinga


Gesproken column Saskia Boumans over betekenis 100 jaar ILO

‘Gewoon goed werk’ is een basisrecht

“Deze week vroeg ik aan mijn man ‘waar denk JIJ aan bij de ILO?’ Jullie moeten weten, mijn man komt uit België, is jarenlang vakbondsmilitant geweest bij het ABVV, en weet dus wel dat de Internationale Arbeidsorganisatie bestaat – in tegenstelling tot veel andere echtgenoten hier in de zaal -kan ik mij zo voorstellen. ‘Nou’, zei hij, ‘België is van oudsher goed vertegenwoordigd in het bestuur, dat weet ik, maar wat zij in Genève in feite doen? Ik vráág het me af.’  Dat is Vlaams voor: de ILO doet niets. Nada. Nougabollen.
Zoals wel vaker gebeurt in een goed huwelijk; wij hebben daar een meningsverschil over. Ik zal u vertellen waarom.

“Ik heb twee – bijzonder alledaagse – voorbeelden uit mijn eigen praktijk. De laatste paar jaar mocht ik de Gewoon Goed Werk Meter beheren bij de FNV. Dit is een vragenlijst aan de hand waarvan werknemers kunnen vaststellen of zij ‘gewoon goed werk’ hebben. Kijk straks maar eens op www.gewoongoedwerkmeter.nl

“Gewoon Goed Werk is de vertaling van wat de ILO sinds 1999 ‘decent work’ noemt. Wat de Gewoon Goed Werk Meter doet is mensen laten zien dat Gewoon Goed Werk een basisrecht is. Dus niet iets dat we bij de FNV hebben verzonnen, geen kwestie van rupsje-nooit-genoeg… maar internationale en erkende normen.  Gewoon Goed Werk is werk dat je voldoende zekerheid en loon geeft om een prettig leven te hebben. Het is werk waarin je wordt gerespecteerd — waarin je je kan ontplooien. Het is werk dat je geen geestelijke of lichamelijke schade berokkent. Het is allemaal niet echt bijzonder. ‘Gewoon’ inderdaad.  Toch vergeten we dat wel eens.

Geheugensteun

Webpagina Gewoon-goed-werk-test

“De Gewoon Goed Werk Meter is een soort geheugensteuntje. Door het gebruik van de Gewoon Goed Werk Meter in een bedrijf werd bijvoorbeeld duidelijk dat er bovenmatig werd gepest. Mooi – gesprek met P&O en de OR: hoe gaan we dit oplossen. In een ander bedrijf bleek dat werknemers te weinig persoonlijke beschermingsmiddelen hadden. Ook een gesprek, daarna kwam het in orde. Het is niet hemelbestormend. Maar simpel. Doeltreffend vakbondswerk op de werkvloer, ingebed in internationale rechtvaardigheid. Het tweede voorbeeld gaat over Young&United. De campagne om het jeugdloon af te schaffen.

“Als onderzoeker van dienst, ging ik in 2015 nadenken over waaróm we het jeugdloon wilden afschaffen. Tuurlijk: Oneerlijk. Onwaardig. Maar wat nog meer? Bleek dat in 1970 de ILO de ‘Minimum Wage Fixing Convention’ heeft aangenomen. Hierin wordt onder andere bepaald dat groepen werknemers kunnen worden uitgesloten van het minimumloon. Zoals in Nederland gebeurt met het jeugdloon. Máár…. zeggen ze daarna: dat moet wél beargumenteerd en rechtvaardigt worden. En dat had de Nederlandse overheid nagelaten. De ILO heeft dat Nederland meerdere keren laten weten.

“Oók het Comité van Deskundigen – dat periodiek checkt of een land nog wel voldoet aan een Européés verdrag – namelijk het Europees Sociaal Handvest – bleek in januari 2015 te hebben vastgesteld dat quote “The reduced rates of the statutory minimum wages applicable to young workers are manifestly unfair.” Geen fitness-instructeur, vakkenvuller of serveerster van 15 of 21 jaar denkt dan: “Bingo – dat gaan we uitnutten.” Maar wij wel.

“Parallel aan de strijd op straat ontwikkelt zich een papieren-guerrilla. Briefje naar de Minister, dossier naar een aantal Kamerleden, inbrengen in de SER-werkgroep, een verkennend gesprek met een advocaat. En zo wordt de grond vruchtbaar gemaakt voor rechtvaardigheid — die door duizenden jongeren en tientallen acties wordt afgedwongen.

“‘Als je vrede wilt, cultiveer dan gerechtigheid’ staat er bij de voordeur van de ILO, lees ik in het boek van Luc Cortebeeck, de voorganger van Catelene Passchier. Dat was in 1919 bij de oprichting van de ILO een doorleefde praktijkkennis. 100 jaar later lijkt het bij overheden, bij werkgevers wat in de vergetelheid te zijn geraakt.

“Wij zijn als vakbeweging broos aan het worden. En we weten allemaal hoeveel gebreken we wel niet hebben… En toch prijs ik me gelukkig dat we ondanks onze broosheid en ondanks onze gebreken elke dag ons best doen –  soms klein en simpel, soms groot en strijdbaar –  voor gerechtigheid.

 

Saskia Boumans

FNV-beleidsadviseur Campagne minimumloon

Tekst van uitgesproken column tijden VHV Vriendenbijeenkomst 100 jaar ILO, op 16 november 2019