Het geheugen van de vakbeweging

Fons Caris (1946-2018) – Een gezicht van de vakbeweging in Zuid-Limburg

Grote betrokkenheid

Fons Caris (1946-2018)

Wie Fons Caris (1946, Maastricht) zegt, zegt Sphinx. Een stelling die door wederhelft Jeanne, volledig beaamd wordt. En de kinderen Petra en Marco weten eigenlijk niet beter. De kleinkinderen Max en Bram zijn daarvoor nog te jong. Ook zij zullen opa uit de verhalen echter ongetwijfeld zo leren kennen. Van Sphinx zelf zal de  jongste generatie Caris echter weinig meer ervaren. Van wat eens de trots van Maastricht was, is nagenoeg niets meer over. Fons Caris is 22 juli 2018 overleden.

Alsof de duvel er mee speelt, precies op de dag dat we met Fons Caris praten over ‘zijn leven bij Sphinx’ kopt Dagblad de Limburger dat de spiksplinternieuwe sanitairfabriek aan de Beatrixhaven in Maastricht gesloten wordt. De wastafels en toiletpotten worden voortaan in andere fabrieken van eigenaar Sanitec gemaakt. En daarmee is feitelijk het doek gevallen. Na 175 jaar komt in Maastricht op een wel heel stuntelige manier een eind aan een icoon van de industriële revolutie waar duizenden arbeiders hun brood verdiend hebben.

Monument

Omslag van Het gezicht van de vakbeweging Zuid-Limburg II, een uitgave van de VHV uit 2010

Net als zo vele andere jongelui uit Maastricht stapt de jonge Fons na het verlaten van de Ambachtschool bij Sphinx binnen. Hij maakt weliswaar een uitstap naar de verwarmingsbranche en is ook nog enkele jaren brandweerman in zijn geliefde stad, maar keert dan terug bij het bedrijf aan de Boschstraat. Hij blijft er totdat hij op 58-jarige leeftijd slachtoffer wordt van een van de vele reorganisaties. De periode die daaraan vooraf gaat staat bol van de conflicten tussen de nieuwe directeur en Fons. Een zwarte (zater)dag die deze Maastrichtse vakbondsman helemaal uit cadans brengt. Enkele jaren eerder dreigt dit ook al te gebeuren. Hij moet van de ene op de andere dag, vanwege een ernstige gehoorstoornis, zijn baan als Chef van Dienst opgeven. Hij krijgt een functie op het laboratorium en vervolgens wordt Fons depothouder chemisch afval. Een ‘papieren’ baan want in de praktijk houdt hij zich alleen nog maar met vakbondswerk binnen het bedrijf bezig.

Hij heeft in die jaren veel bondsbestuurders zien komen en gaan bij Sphinx. Hij noemt Chrit Gijzen, Winand van Helden, Leo Verhofstadt, Fer Pfeiffer en Hetty Keijzers. Voor hem steekt Fer Pfeiffer er met kop en schouders boven uit. “Voor hem zou in de Boschstraat een standbeeld geplaatst moeten worden,’ om gelijk nog een aantal andere namen te noemen van mannen die voor hem een monument verdienen in ‘zijn’ stad.

Eerlijkheid bepalend

De jonge Fons leert al op jonge leeftijd het klappen van de vakbondszweep kennen. Vader Caris en peetoom Fons zijn voormannen van hun bond bij de Sphinx. Regelmatig schuift op zondagmorgen een chef personeelszaken van het bedrijf in huize Caris aan, om in relatieve rust zaken te bespreken. De “Carissen” staan er om bekend problemen eerlijk en objectief te benaderen. Eerlijkheid die ze ook van hun gesprekspartners verwachten; zowel van collega’s, chefs als directie. En als ze zich belazerd voelen heb je een kwaaie aan hen, een hele kwaaie. Dan trekken ze ten strijde. Dat was destijds zo en het is nu niet anders!

Kennis van zaken

Fons is een breed geschoold man. Op de ambachtschool is het metaaltechniek, dan volgt een interne MBOopleiding bij Sphinx en een opleiding tot hoofd brandwacht. Terug bij Sphinx is het de beurt aan een opleiding procesoperator en elektronica; een HBO-opleiding Veiligheid, Gezondheid en Welzijn; een interne scholing tot laborant en een MBO-studie depothouder chemisch afval. Daarnaast zijn er nog de vele vakbondscursussen en scholingen voor  ondernemingsraden.

Je mag wel zeggen dat Fons van vele markten thuis is. Hij kent het bedrijf door en door, evenals de mensen die er werken. Van poetser tot de hoogste baas. Voor iedereen kan hij tot het gaatje gaan. Enige voorwaarde: Fons moet overtuigd zijn van de eerlijke bedoelingen. Regelmatig is hij ook betrokken bij stevige conflicten binnen het bedrijf. Dan weer als voorzitter van de Ondernemingsraad, dan weer als man van de Bedrijfsledengroep die vindt dat mensen binnen het bedrijf onrecht wordt aangedaan. Meer dan eens kookt de melk dan over en moet hij op het matje verschijnen bij de baas. Zoals die keer dat hij na een behoorlijk uit de hand gelopen conflict, twee middagen achter elkaar door de baas onderhanden wordt genomen. Een goeie collega – Jan Kikken – kan het niet meer aanzien en doet een dringend appèl op de baas hiermee te stoppen. ‘Zo is het wel genoeg geweest; nodig Fons morgen maar op de koffie.’ Aldus geschiedt. En er wordt met geen woord meer gerept over hetgeen zich de voorbije dagen heeft afgespeeld tussen deze Chef van Dienst en de baas.

Nu nog spreekt Fons met enorm veel passie over het vakbondswerk bij Sphinx en de onderlinge kameraadschap in de Bedrijfsledengroep. Het ene moment springen hem bijna de tranen in de ogen en dan is er weer die allesoverheersende bulderende lach. Fons Caris ten voeten uit.

Grote liefdes

Ook buiten de bedrijfspoort is Caris actief. Vele jaren maakt hij deel uit van de districts- en bondsraad van de Industriebond FNV. Toen het Sphinxboek dicht sloeg werd hij voorzitter van de afdeling Maastricht van zijn bond en als 2e voorzitter actief binnen FNV Lokaal Maastricht. Hij is van mening dat zijn bond het afdelingskader stevig in de kou laat staan. Mensen die vele jaren een vertrouwensfunctie richting de leden hebben bekleed, worden zonder pardon aan de kant geschoven. Van die bulderende lach is op zo’n moment weinig te bespeuren.

Afleiding vindt Fons bij zijn voetbalclub Bosscherveld, waarvan hij voorzitter is, en de Zaalvoetbalvereniging die hij 27 jaar geleden mee heeft opgericht en natuurlijk bij zijn kleinkinderen. ‘Ik ben in de 30 jaar dat ik in de volcontinu werkte, een beetje een buitenstaander geweest bij de opvoeding van mijn kinderen. Gelukkig was er echter – net als voor mij – altijd Jeanne. Wat had ik zonder haar moeten beginnen?’ Fons Caris, een man die de dingen scherp ziet….

 

Mat Janssen

Dit portret is opgenomen in de VHV-uitgave Het gezicht van de vakbeweging in Zuid-Limburg 2 (2010).
De volledige tekst van Het gezicht van de vakbeweging Zuid-Limburg 1 is hier te downloaden