Het geheugen van de vakbeweging

Wim Kok (rechts) en Wim Spit: Met die “andere” Wim gaf hij op voortreffelijke wijze leiding aan fusie van NVV en NKV, vooral op hoofdlijnen

 Drie keer Wim Kok : bestuurder, manager, collega

De loopbaan van Wim, of beter gezegd zijn carrière in de vakbeweging begon in ‘61 bij de Bouwbond van het NVV als assistent internationale zaken, wat later wordt hij economisch beleidsmedewerker. In ’67 komt hij in het bestuur van Bouwbond maar al heel snel daarna in 1969 wordt Wim op aandringen van André Kloos, de toenmalige voorzitter van het NVV, lid van het Verbondsbestuur van de vakcentrale. Een “traumatisch conflict” enkele jaren later, over het wel of niet afsluiten van een sociaal contract leidt tot het vertrek van NVV voorzitter Harry ter Heide en Wim volgt hem in 1973 op. Een periode van 12 jaar volgt, waarin Wim een onuitwisbaar stempel heeft gedrukt op NVV, FNV, en breder de arbeidsverhoudingen in ons land. Vanaf eind ’77 maakte ik Wim “van dichtbij mee” in het Federatie bestuur van de FNV; Wim als bestuurder, als manager en ook als collega.

Wim heeft in mijn herinnering toch vooral een plek als bestuurder ( en in de vakbeweging ben je dan ook  “automatisch”  onderhandelaar). Hij was gefocust op beleid. Het ging om resultaat: organiseren van vakbondsmacht en vakbondsinzet om de belangen van werknemers en uitkeringsgerechtigden te behartigen. Maar altijd rekening houdend met wat hij zelf als reëel en haalbaar beschouwde en wat ook op langere termijn stand kon houden.

Dat was zichtbaar bij

  • het tot stand komen van de fusie tussen NVV en NKV ( als het CNV niet wil, dan maar met z’n tweeën ),
  • het akkoord van Wassenaar ( het materiële resultaat is moeilijk te voorspellen, maar het kabinet Lubbers ziet af van ingrijpen in de lonen, en vrije onderhandelingen tussen werkgevers en werknemers blijven overeind ),
  • maar ook bij het verzet tegen de afbraak van de sociale zekerheid. Wat dat laatste betreft: Wim’s inzet voor uitkeringsgerechtigden en minima is op zich niet voor discussie vatbaar. Eén van de grootste frustraties uit zijn vakbondstijd is de houding van Lubbers in het (actie) najaar van 1983. Wim stelde voor om de korting op de uitkeringen te verkleinen door werknemers een hogere premie te laten betalen. Het antwoord van Lubbers was een botte weigering. Hij heeft dat, volgens mij, Lubbers nooit vergeven. Maar in interne discussies wordt toch ook op zijn aandringen verder gezocht naar een lange termijn aanpak voor een houdbare sociale zekerheid.   Niet alleen verzet, maar ook mee verantwoordelijkheid willen dragen voor eventuele veranderingen die kunnen bijdragen aan blijvende, duurzame oplossingen. Het is een kenmerk van Wim en zijn bestuursstijl.

De aandacht van Wim in het beleid was geconcentreerd op arbeidsvoorwaarden en werkgelegenheid, samen met Frans Drabbe, sociale zekerheid met Herman Bode, en medezeggenschap met Wim Spit, de vice – voorzitter van de FNV. Met die “andere” Wim gaf hij ook op een voortreffelijke  manier leiding aan het fusieproces van NVV en NKV. Vooral op hoofdlijnen. De uitwerking daarvan zoals het in elkaar schuiven van de afzonderlijke werkorganisaties en de integratie van de districtsorganisatie, de rechtskundige dienstverlening, scholing en vorming, de jongeren organisaties en de vrouwenbonden, liet hij graag over aan collega’s uit het Federatiebestuur en de betrokken medewerkers. Dit gold meer in het algemeen voor de management kant van de ( nieuwe ) organisatie: dat managen had, om het zwak uit te drukken niet de grote liefde van Wim. Niet dat hij daarover geen uitgesproken ideeën had; die kwamen tijdens de vergaderingen helder op tafel en waren dan  dikwijls  ook wel weer richtinggevend voor de te kiezen aanpak. Behalve de keer dat vanwege noodzakelijke bezuinigingen de penningmeester een kleinere en dus goedkopere dienstauto voorstelde. Ondanks gemurmureer, ook van Wim, kwam de Opel Kadet de dienstautoregeling binnen gereden. Met ook als gevolg : de grote Wim in de kleine Kadet ( DGB, Bouwbond ). Pas toen de  rugklachten  serieuze vormen aannamen is weer voor een groter model gekozen….

Ook  in de discussies en onderhandelingen in Federatiebestuur en Federatieraad was Wim’s oordeel maat- en veelal doorslaggevend. Zijn kennis van zaken in het algemeen en zijn inhoudelijke kennis van dossiers, zijn intelligentie en de manier waarop hij onderwerpen tijdens vergaderingen behandelde ( iedereen kreeg voldoende ruimte )  en zijn vermaarde conclusies trok, waarin de logica overheerste maar “een ieder ook zijn deel kreeg” , waren van dien aard dat Wim zelden zijn zin niet kreeg; zo niet meteen dan wel in een volgende vergadering. Zo opererend kreeg bijvoorbeeld het akkoord van Wassenaar uiteindelijk de steun van alle bonden.

Ook minder zware, de eigen organisatie rakende zaken “zuchten” onder dit regiem.

Ik herinner mij een discussie in het Federatiebestuur waarin ik dacht dat toch alle elementen in het  gedane voorstel (het ging over de integratie van de scholings- en vormingsactiviteiten van NVV en NKV ) in een logische context tot een fraai resultaat waren samengebracht, ( en de andere collega’s bij wijze van spreken geneigd waren te applaudisseren) , maar Wim net dat ene aspect tevoorschijn toverde (zeggenschap van de scholingsmedewerkers ) dat noopte tot meer of minder vergaande herziening…

Persoonlijk heb ik Wim als collega steeds op zijn hoge waarde geschat. Niet altijd even toegankelijk. Geen “ouwe –jongens-krentenbrood” type, waarmee je overigens in een ontspannen en informele sfeer ook flink kon lachen. Die als je samen in één auto naar een vergadering reed ook vrijuit praatte over persoonlijke en gezinszaken, zorgen en beslommeringen. Hij kon zich weliswaar zichtbaar ergeren aan onvoldoende of inhoudelijk slecht voorbereide voorstellen en notities en aan  niet logische, niet adequate reacties of verdediging, maar was ook altijd bereid om oplossingen aan te dragen.  Volstrekt betrouwbaar en integer in zijn werk en omgang met collega’s en medewerkers en  in tegenstelling tot wat soms wordt beweerd, heeft hij voor wat betreft het moment van zijn vertrek bij de FNV en zijn overgang naar de PvdA een gebalanceerde , integere afweging gemaakt.

Wim Kok, een geweldige vakbondsman, een geweldige voorzitter waaraan wij veel dank verschuldigd zijn.

Henk Muller
Lid van het FNV Federatiebestuur van 1977 tot 2001

November 2018