Het geheugen van de vakbeweging

De ‘superhelden’ van de Februaristaking

Toespraak van FNV-bestuurder Gijs van Dijk bij herdenking in 2016

Vele honderden aanwezigen woonden op 25 februari de 75ste herdenking van de Februaristaking van 1941 bij. Ook de VHV stond stil bij het enige massale protest tegen de Jodenvervolging in Europa. Gijs van Dijk, dagelijks bestuurder van de FNV, sprak op een bijeenkomst in het Amsterdamse stadhuis georganiseerd door het Amsterdamse FNV-Comité. Hij hield een pleidooi voor ‘kleine stappen van moed.’

Krans van de VHV ter gelegenheid van herdenking Februaristaking in 2016 Krans van de VHV ter gelegenheid van herdenking Februaristaking in 2016

Vele honderden aanwezigen woonden op 25 februari de 75ste herdenking van de Februaristaking van 1941 bij. Ook de VHV stond stil bij het enige massale protest tegen de Jodenvervolging in Europa. Koning Willem-Alexander was onder de aanwezigen en sprak na afloop met enkele betrokken nabestaanden en familieleden o.a. van de 427 joodse mannen die in 1941 werden opgepakt en afgevoerd en waarvan er slechts één terugkeerde. Burgemeester Eberhard van der Laan zei in een toespraak dat de Februaristaking Amsterdammers trots mag stemmen, maar alleen als het leed van de joden niet wordt vergeten. ‘Die trots is ook vandaag gebonden aan medemenselijkheid. Als de stakers empathie toonden onder het juk van terreur, dan moeten wij nu zeker in de bres springen voor een ander, in volle vrijheid. Anders is onze trots op de stakers misplaatst.’ Eerder in de middag voerde Gijs van Dijk, dagelijks bestuurder van de FNV het woord op een bijeenkomst in het Amsterdamse stadhuis georganiseerd door het Amsterdamse FNV-Comité. Van Dijk hield een pleidooi voor ‘kleine stappen van moed.’
Gijs van Dijk: “Vluchtelingen opnemen is een kwestie van beschaving, een morele keuze.”

Gijs van Dijk herinnerde aan die keer toen hij bij de Dokwerker stond met zijn toen vijfjarige zoon Sam. ‘Hij was voor het eerst mee. Hij vroeg me waar de herdenking over ging en wie de Dokwerker was. Ik vertelde hem dat het over de Tweede Wereldoorlog ging. Dat de Duitsers heel veel mensen uit deze buurt wilden ontvoeren naar hele afschuwelijke kampen in Duitsland. En dat de Amsterdammers toen een actie zijn begonnen om dat tegen te houden. Ze vroegen heel veel mensen om hun werk neer te leggen. STAAKT! STAAKT! STAAKT!, schreven ze op briefjes die ze uitdeelden. Weest eensgezind! Wees moedig! Dat schreven ze omdat ze hoopten dat er zoveel mensen mee zouden doen en dat is gebeurd. Natuurlijk was iedereen bang, maar met zovelen durfden ze het samen wel. Honderdduizenden mensen legden hun werk neer als verzet tegen de afschuwelijk ideeën die de Duitsers over de joden hadden. Mijn zoon dacht even na. ‘Dus eigenlijk zijn de stakers superhelden!’ vatte hij samen.

Vakorganisaties afwezig

Gijs van Dijk constateerde dat de toenmalige vakorganisatie niet aan de staking meedeed; de leiding was immers in handen van de bezetter. ‘Maar onder de stakers waren veel vakbondsleden. Zij hadden het hart op de goede plek. Ik noemde al de gemeentearbeiders. Het waren de mannen van de Gemeentereiniging als Piet Nak en Dirk van Nimwegen, stratenmakers als Willem Kraan en tramconducteurs als Joop IJsberg die het voortouw namen. Deze mannen zijn opgesloten, mishandeld en vernederd. Joop IJsberg is later opgepakt en met twaalf anderen in juli 1942 ter dood veroordeeld. Hij is geëxecuteerd op 19 november 1942 op de vliegbasis Soesberg.’

Angst voor vreemdeling

Guus Duppen, de voorzitter van het Amsterdamse FNV-comité had eerder zijn afkeuring uitgesproken over de Pegida-demonstratie die eerder in Februari in Amsterdam had plaatsgevonden. Hij sprak over ‘politiek schorem’ en over de strijd die er tegen gevoerd moest worden. Gijs van Dijk ging dieper in op ‘de angst voor vreemdelingen’.(…) ‘Want hoe gemakkelijk is het niet, onze problemen op ‘de ander’ af te schuiven. Op de groep die anders is. De asielzoekers, de moslims. De nieuwkomers, die huis en haard achter zich hebben gelaten, moeten wij die toekomst juist wel bieden. (…) Vluchtelingen opnemen is zo oud als Nederland. Het is een kwestie van beschaving, een morele keuze.’ Hij pleitte voor ‘kleine stappen van moed. En samen vormen al die kleine moedige stappen, de kracht waarmee we het angstzaaien en het haatdenken te lijf gaan.’ Hij waarschuwde vooral niet te denken dat dit vanzelf overwaait, de geschiedenis leert ons dat we altijd moeten opstaan tegen uitsluiting en geweld en riep de aanwezigen op ’om de moed te vatten voor kleine daden. Om een kind op school welkom te heten. Om ons niet af te laten schrikken door diegenen die democratie en inspraak onmogelijk te maken. Om onze nieuwe buurtgenoten simpelweg vriendelijk toe te knikken. Om ons te verweren tegen de taal van uitsluiting en tegen pesterijen op de werkvloer. Het zijn de kleine daden van moed die moed doen groeien, ’aldus Gijs van Dijk, die opriep ‘in de woorden van Sam samen superhelden te zijn en te blijven.’
Kees van Kortenhof
Februari 2016