Het geheugen van de vakbeweging

Jan Schuller: … Mister Bouwberaad…

Onder Dak! – FNV Bouw 1892-2015

Jan Schuller (voorzitter 1985-1993)

DE GEBOREN VAKBONDSMAN

Toen hij 14 jaar was en de timmeropleiding op de ambachtsschool volgde, meldde Jan Schuller zich bij Jonge Strijd, de jongerenbeweging van het NVV. Het was het begin van een lange carrière in de vakbeweging, die uiteindelijk zijn bekroning kreeg in het voorzitterschap van de Bouw- en Houtbond FNV in de periode 1985-1993.

‘Toch had ik eerst andere plannen’, blikt Schuller (nu 78) terug. Want naast zijn vrijwilligerswerk bij de Haagse afdeling van Jonge Strijd, werkte hij als timmerman in loondienst bij aannemer Willem Esser. ‘Die had grote plannen met mij. Hij wilde dat ik chef van de werkplaats zou worden en later misschien het bedrijf zou overnemen. Maar toen ik vlak voor het einde van mijn militaire dienst een telefoontje kreeg van Joop van der Glas van Jonge Strijd, of ik daar in dienst wilde treden, was Willem de eerste die tegen mij zei: joh, natuurlijk moet je dat doen, zo’n kans krijg je nooit meer!’

VOORKEURSKANDIDAAT

Bij Jonge Strijd leerde Schuller naast Van der Glas ook Jaap van der Linden kennen. Jan, Joop en Jaap, die elkaar steeds weer zouden tegenkomen in hun werkzame leven en tot op de dag van vandaag bevriend zijn.
In 1969 begon zijn loopbaan bij de Bouwbond NVV. Hij kwam in dienst als bestuursassistent, een soort bestuurder in opleiding. Via de afdeling Enschede en het district Noord-Holland trad hij in 1982 toe tot het landelijke bondsbestuur van de inmiddels gefuseerde bouwbonden van NVV en NKV. Schuller: ‘Twee van mijn NVV-collega’s waren… Joop van der Glas en Jaap van der Linden. Ik herinner me nog goed dat wij met z’n drieën het voortouw namen om na te denken over de opvolging van de toenmalige bondsvoorzitter Bram Buijs, die zijn vertrek had aangekondigd. Bram voerde op ons verzoek gesprekken met alle bondsbestuurders apart, om hun voorkeur te peilen. Twee gespreksronden waren er uiteindelijk nodig, voordat er een voorkeurskandidaat was. Dat was ik dus. Vooral tot mijn eigen verrassing.’

TOELATINGSEXAMEN

En zo gebeurde het dat Jan Schuller in mei 1985 op 46-jarige leeftijd door de bondsraad tot voorzitter van de Bouw- en Houtbond FNV werd gekozen. En hij viel met z’n neus in de boter: er was net een grote landelijke bouwstaking aan de gang. Het conflict ging om arbeidstijdverkorting. Uiteindelijk zou de bond daar met een akkoord op Tweede Pinksterdag als grote winnaar uit tevoorschijn komen. ‘Wat mij persoonlijk nog helder voor de geest staat over die periode’, vertelt Schuller, ‘is dat ik nog voordat ik was verkozen er door het bondsbestuur op uit werd gestuurd om een eind te maken aan een lokale staking bij de Fenomena-manifestatie in Rotterdam. Dat gebeurde op verzoek van de toenmalige burgemeester van die stad, Bram Peper. Anders zou dat grote internationale evenement in de Ahoy-hallen niet kunnen doorgaan, en dat zou rampzalig zijn. Het bondsbestuur vond dat een redelijk verzoek, maar we hadden te maken met een groep militante stakers die geen boodschap hadden aan de overwegingen van “Woerden”. Na een lange dag van verhitte debatten en stemmingen lukte het me uiteindelijk toch een meerderheid achter me te krijgen om de staking op te heffen. Achteraf denk ik dat het bondsbestuur me daarmee een soort toelatingsexamen heeft willen laten doen. Kijken of ik wel geschikt was voor het ambt van bondsvoorzitter.’

MISTER BOUWBERAAD

De periode-Schuller zal herinnerd worden als een tijd, waarin de bond moderniseerde en weer sterk werd. Het economisch tij zat mee, na de zware crisis begin jaren ’80. Het ledental herstelde zich, de bond was stevig verankerd – landelijk, regionaal en op afdelingsniveau – en was een factor van belang. Het overleg met werkgevers en de overheid in het Bouwberaad floreerde en het is dan ook niet voor niets dat Schuller bij de hoofdpersonen uit die tijd bekend staat als “mister Bouwberaad”.

De bond timmerde internationaal aan de weg. Twee periodes achtereen was de secretaris-generaal van de Europese Bond van Bouw- en Houtarbeiders (EBBH) afkomstig uit Nederland: Jan Cremers en Harrie Bijen. Bondsvoorzitter Schuller was ook een van de voorvechters van samenwerking binnen de federatie, wat kan worden gezien als de eerste stap op weg naar de eenwording van de FNV. Onder zijn voorzitterschap stapte de bond af van het adagium dat je “kalk aan de schoenen” moest hebben om bestuurder te kunnen zijn.

ZORGEN OVER TOEKOMST

Het contrast tussen die bloeiperiode en nu kan niet groter zijn, constateert Schuller somber. ‘Wat is er nog over van die tijd? Een verzwakte positie van de bouw binnen de FNV, een teruglopend ledental, vergrijzing, geen aanwas van jongeren. Voorzieningen die destijds zijn opgebouwd rondom arbeidsomstandigheden, arbeidsmarkt en vakopleiding, zijn verdwenen. Ik zie de toekomst van de vakbeweging met zorg tegemoet.’

In 1993, na twee perioden, nam Schuller afscheid van de bond. Met het geld dat bij zijn afscheid als bondsvoorzitter werd ingezameld, liet hij een school bouwen in een klein dorpje in Ghana. Hij was verder nog enige tijd werkzaam voor de vakopleiding en later actief als gemeenteraadslid in Den Haag.