Het geheugen van de vakbeweging

Chris Baggerman: ‘We moeten weer terug naar onze oorspronkelijke missie: Het redden van mensen.” (foto website RMU.nu)

Chris Baggerman, coördinator Arbeidsvoorwaardenbeleid RMU

Bestaat de vakbeweging over 10 jaar nog?

We moeten voorzichtig zijn met het doen van voorspellingen. Er komt vaak zo weinig van terecht. Ik zal u zeggen waarom: twee voorbeelden. In de periode 2003-2005 heb ik, samen met mijn vrienden van het CNV, de opleiding Maatschappelijke Bestuurskunde gevolgd, de CNV Masterclass. We zijn op zoek gegaan naar de wortels van de christelijke sociale beweging, de kroonjuwelen. Welke waarden en normen hebben geleid tot een ‘morele verontwaardiging’, die de motor van de beweging is geworden en haar aanzette tot daadwerkelijke realisatie van haar doelen?

In dit kader werd onder meer geïnterviewd de econoom en kroonlid van de SER, Victor Halberstadt. Hij stelde dat identiteit geen verschil maakt op sociaaleconomisch vlak en dat uiterlijk 2009 de fusie van FNV en CNV een feit zal zijn. Volgens mij is anno 2018 een fusie tussen FNV en CNV verder weg dan ooit!

Draagvlak

Menno Tamminga schreef eind vorig jaar een lezenswaardig artikel (NRC): ‘Van crisis tot bitcoin: de vijf voorspellingen. Het is vrijdagmorgen 30 maart. Het kabinet wankelt. De gemeenteraadsverkiezingen waren een nederlaag voor de coalitie. Minister-president Mark Rutte kiest daarom nu voor draagvlak en tekent een akkoord met vakbonden en werkgevers. Tot 2025 wordt de AOW-leeftijd bevroren op 66 jaar. Oudere werknemers kunnen met een extra spaarregeling eerder stoppen. Dat eisten de bonden. Zij accepteren op hun beurt individualisering van pensioenen. Minister Koolmees weigert. Dit is uitverkoop van eerdere hervormingen. Wie vertegenwoordigen de bonden nog? De coalitie bungelt. Alexander Rinnooy Kan, oud-voorzitter van de SER, hèt overlegforum van bazen en bonden, redt Rutte. Hij volgt Koolmees op.

Volgens mij zit het kabinet Rutte steviger in het zadel dan ooit, is de AOW-leeftijd niet bevroren op 66 jaar en is niet Rinnooy Kan minister van SzW, maar Wouter Koolmees! Heeft de vakbeweging nog toekomst? Belangrijk daarbij is het antwoord op de vraag: zijn we nog steeds een beweging van mensen die, vanuit morele verontwaardiging, bezield door christelijke waarden en normen, doelen nastreeft die passen bij haar oorsprong, doel en zin? Of zijn we in plaats van middel een doel op zichzelf geworden!  Denk hierbij aan het voorbeeld van een reddingsbrigade. De brigade had voor de redding een huisje nodig. Maar de inrichting van het huisje kostte zoveel aandacht en energie, dat het redden van mensen er bij inschoot: ‘We moeten weer terug naar onze oorspronkelijke missie: “Het redden van mensen”. We moeten weg van de gedachte, dat we er voor onszelf zijn. We zijn als vakbeweging een beweging van mensen.

Beweging of organisatie?

We moeten onderscheid aanbrengen tussen een beweging en een organisatie. Een organisatie Is een werkstructuur, die een bepaalde markt ziet en daar een product voor ontwikkelt en aanbiedt. Beweging is ‘kwartiermaker’ voor personen, die vanuit een morele verontwaardiging aan de slag gaat om de positie van individuen en groepen te verbeteren. Zij vervult daarbij tevens de rol van ‘poortwachter’. Een beweging, in tegenstelling tot een organisatie, is in staat om de inzet en de verlangens van de leden af te zetten tegen het maatschappelijke belang om te voorkomen dat deze elkaar doorkruisen. Als de vakbeweging een doel op zich wordt, verandert de beweging in een organisatie en heeft zij geen toekomst meer.

Logo Reformatorische Maatschappelijke Unie

De grondleggers van de christelijke sociale beweging waren moreel verontwaardigd. Wat was in 1983 de morele verontwaardiging van de grondleggers van de Reformatorische Maatschappelijke Unie (RMU)? Dat er geen begrip was voor werknemers, die principiële bezwaren hadden tegen het inzetten van het machtsmiddel staken en daarbij gebruik te maken van voertuigen van de werkgever.

Wat is in 2018 de morele verontwaardiging van de RMU? De volstrekt uit het lood geslagen fiscale behandeling van éénverdieners. Een éénverdiener met een salaris van pak ‘m beet € 40.000,- betaalt 6 x zoveel belasting als tweeverdieners, die samen € 40.000,- verdienen. Het verschil in belastingdruk is nergens ter wereld groter dan in Nederland. Het verschil wordt veroorzaakt door de afschaffing van de algemene heffingskorting voor de niet verdienende partner. Dit is een inbreuk op de beschaving. De miskenning door een deel van de samenleving, dat het onderhouden van de zondag als rustdag heilzaam is voor een ieder. Velen hebben niet in de gaten, dat anderen voor hun moeten werken terwijl ze zelf er niet aan denken om op zondag te gaan werken.  De positie van de gewetensbezwaarde werknemer, die als verpleegkundige wordt geconfronteerd met een verzoek om mee te werken aan euthanasie en abortus. Om nog maar niet te spreken over de voltooid leven discussie.

Uit het lood geslagen

De bestedingsruimte van huishoudens is de laatste 40 jaar niet gestegen. Een steeds groter deel van de nationale koek (alles wat we met elkaar produceren) gaat naar de aandeelhouders en financiers en niet naar de werknemers en zelfstandigen. De verhouding in beloning tussen topmannen van grote beursgenoteerde bedrijven en de gemiddelde werknemer in die ondernemingen is volstrekt uit het lood geslagen. Het is absurd dat bijvoorbeeld de baas van Unilever een jaarsalaris heeft van 7.7 miljoen euro en daarmee 292 keer zoveel verdient dan de gemiddelde werknemer bij Unilever. Mevrouw Nancy McKinstry van Wolters Kluwer spant de kroon met een totale beloning (salaris en bonussen) van 15.7 miljoen euro. De nieuwe topman van Albert Heijn, gaat 135 maal het salaris verdienen van de gemiddelde werknemer. Het verschil in beloning tussen een directeur en zijn medewerker neemt toe. Dit is niet goed voor de sociale cohesie.

Ik maak wel een voorbehoud voor een directeur-eigenaar, die loopt het risico zijn hele vermogen kwijt te raken als het misgaat.

Ons land is steeds minder een land van gelijke kansen. Terwijl mensen aan de bovenkant er de afgelopen jaren fors op vooruit zijn gegaan, is er aan de onderkant een steeds grotere groep die niet mee kan komen en in inkomen, gezondheid, opleiding en woonsituatie achterop raakt. Een toenemend verschil tussen bevolkingsgroepen leidt, samen met een afnemende sociale cohesie, tot ontwrichting van de samenleving. Het individuele moet ondergeschikt gemaakt worden aan het collectieve. Steeds meer zzp’ers, oproepkrachten en mensen met kortdurende flexcontracten, inmiddels zo’n 3 miljoen mensen, bouwen nauwelijks iets op aan sociale zekerheid of pensioen.

Nieuwe invulling kroonjuwelen

Er is sprake is van een afkalvend ledenaantal, maar de steun én de waardering voor het werk van de vakbeweging in de Nederlandse samenleving is vele malen groter dan voor instituties als de Tweede Kamer en de regering. De christelijke vakbeweging moet opnieuw invulling geven aan haar kroonjuwelen. Zij dient zich als het ware te herbronnen: sterk maken voor de positie van de burgers en de vertegenwoordigende organisaties. In een samenleving waarin het individualisme hoogtij viert en het omzien naar elkaar niet meer als vanzelfsprekend wordt beschouwd, is het brengen van samenhang belangrijk.

De grote uitdaging is nieuwe groepen aan ons te binden zoals jongeren, flexwerkers, zzp’ers en zelfstandigen. En daarbij gebruik te maken van nieuwe technieken als marketingtechnologie. We staan zeker als RMU voor de uitdaging om de transitie te maken naar de digitale wereld. Hoe kunnen we als organisatie geautomatiseerd met de juiste content, via het juiste kanaal, met de juiste persoon, op het juiste moment potentiele leden boeien?

Tenslotte

Als we een beweging blijven, die bewogen is met het ‘redden’ (tussen aanhalingstekens) van mensen en het contact met de werkvloer weten te herstellen zullen we toekomst hebben. Belangrijk daarbij is, dat we eenheid uitstralen en er geen gedoe is zoals Menno Tamminga in zijn bijdrage heeft gezegd. Laat helder zijn, ook ik verschilde nog wel eens van mening met voorzitter Peter Schalk (zonder wrijving geen glans), maar “Er is geen dag geweest waarop we de zon hebben laten ondergaan zonder eerst onenigheid of wat dan ook te hebben uitgepraat. Er is immers niets zo gevaarlijk voor een organisatie als gedoe.

Chris Baggerman

bij zijn afscheid op 25 april 2018