Het geheugen van de vakbeweging

Een man van de christelijk-sociale beweging

Anton Westerlaken (1955 – 2017)

Anton Westerlaken, CNV-voorzitter van 1992 tot 1998

Gedreven, bevlogen, ongeduldig, betrokken, een ‘evangelist in de polder’. Woorden die Anton Westerlaken, op 31 maart  2017 overleden, typeren. Met flair en intellectuele creativiteit probeerde hij vorm te geven aan zijn wereld. Eerst aan de wereld van de christelijke vakbeweging, later aan die van de gezondheidszorg. Hij kon inspireren en enthousiasmeren, soms provoceren en ook de indruk wekken het leed van de wereld op zijn forse schouders te moeten nemen. Zijn eigen visie: ‘Je bent niet voor jezelf, maar voor anderen op deze wereld.’

Met een aantal andere CNV-voorzitters deelt Westerlaken zijn agrarische afkomst. Hij wordt op 13 februari 1955 als zoon van een landbouwer letterlijk geboren in de polder, in het Gelderse Zuilichem, een dorp aan de rivier en in de Bommelerwaard. Daar neemt men in een orthodox Nederlands Hervormde omgeving het leven niet lichtzinnig op. Verantwoordelijkheid voor doen en laten wordt met hoofdletters geschreven. Die achtergrond zal zijn hele leven een rol blijven spelen.

Bankemployé

Westerlaken begon zijn arbeidzame leven als bankemployé bij de Rabobank in Haaften. Het zal hem daar te saai zijn geweest, want hij verkaste naar de Rotterdamse gemeentepolitie. Daar kwam hij in aanraking met vakbondswerk en sloot hij zich uit volle overtuiging aan bij de Bond voor Christelijke Politie ambtenaren. Later wordt hij bestuurder van die bond, die na een fusie met de katholieke evenknie Algemeen Christelijke Politiebond ging heten.

In 1986 werd Westerlaken gekozen in het bestuur van het CNV, waar hij zich met uiteenlopende onderwerpen ging bezighouden. Medezeggenschap, arbeidsomstandigheden, milieu, arbeidsvoorwaarden, sociaal-economisch beleid. Kenmerkend voor al deze activiteiten was dat hij vanuit zijn christelijk-sociale visie op mens en samenleving telkens weer initiatieven nam om werknemers te ondersteunen en om nieuwe vormen te vinden. Zo stond hij aan de wieg een van een milieumeldpunt en spande hij zich in  om advisering aan ondernemingsraden te professionaliseren. Daarbij speelde niet alleen de korte termijn en het vlugge succes een rol, maar hield hij de gevolgen van allerhande bewegingen op de lange termijn sterk in het oog.

In de zomer van 1989 nam Westerlaken het initiatief om deel te nemen aan juridische stappen tegen de Centrum Democraten, die in de zienswijze van het CNV racistische kenmerken vertoonde. Een proces werd gewonnen, maar het voorkwam niet dat het populisme in Nederland terrein won.

Participatie, duurzaamheid, solidariteit

Anton Westerlaken: : Participatie, duurzaamheid, solidariteit

Op 22 juni 1992 draagt Hofstede de voorzittershamer over aan Westerlaken. Westerlaken formuleert zijn beleidsprogramma in drie punten: participatie, duurzaamheid en solidariteit. Drie kernbegrippen uit het christelijk-sociaal denken, die later de basis zullen vormen voor het nieuwe visieprogramma van het CNV. Centraal staat het begrip ‘verantwoordelijkheid’. Hij neemt in zijn toespraak met harde woorden – ‘bloedzuigers en vampiers zijn het ‘ – afstand van vakorganisaties die geen oog hebben voor de sociaal-economische werkelijkheid. Een werkelijkheid, die na de na een lange periode van economische stagnatie, florissante kenmerken toont. Westerlaken laat zich kennen met de suggestie om de lonen vijf jaar te matigen in ruil voor investeringen in de samenleving, o.a. in het bestrijden van de milieuproblemen. Journalisten hebben deze gedachte tot het ‘plan-Westerlaken’ gedoopt. Het was geen uitgewerkt plan, maar op het oog eerder een impulsieve gedachte om een – in de zienswijze van Westerlaken – noodzakelijke discussie opgang te brengen. Het laat zien dat hij verder wil kijken dan het loonzakje, oog wil hebben voor de lange termijn. De gedachte, geopperd tijdens een congres van de Industrie- en voedingsbond CNV – kwam hem op een aanvaring met de voorzitters van de CNV-bonden te staan. Hij had onvoldoende overleg gepleegd, was weer eens teveel voor de troepen uitgelopen. Het was niet de eerste en ook niet de laatste keer dat hij botste met de Verbondsraad. Westerlaken wilde vooruit en verantwoordelijkheid nemen, bonden keken schroomvallig toe of verzetten zich lijdelijk. Zo verzette Westerlaken zich principieel tegen een wettelijke regeling van deeltijdarbeid. Dat was  – zo meende hij op grond van het christelijk-sociaal denken – geen zaak van de wetgever, maar van werkgevers en werknemers. Hij stak zoals gebruikelijk zijn mening niet onder stoelen en banken, maar de bonden namen hem zijn principiële houding niet in dank af.

Westerlaken besefte dat het ledental van de vakbeweging weliswaar groeide, maar dat de organisatiegraad afnam. Het CNV moest zich op de toekomst richten om een rol te blijven spelen, een rol die nodig blijft om de kernwaarden van het christelijk-sociaal denken overeind te houden. In 1989 begon een interne discussie, die zich enige jaren zou voortslepen en soms tot heftige botsingen leidden. Westerlaken wilde vooruit, wilde leden betrekken bij hun bond, wilde effectiever vakbondswerk, duidelijke aanwezigheid in de regio en een meer democratische structuur. Met dat laatste is hij de eerste voorzitter, die niet – zoals zijn voorgangers – voor ‘het leven’ werden gekozen, maar slechts voor een periode van vier jaar. In 1996 werd hij overigens herkozen.

Herkenbare taken voor vakcentrale

De hoofdgedachte, die Westerlaken met de bonden wilde afspreken, was dat de vakcentrale eigen, herkenbare taken kreeg (‘Den Haag’ en het regiowerk) en dat bonden zich zouden richten op het werk in bedrijven. Daartoe moesten bonden beter gaan samenwerken (en zo nodig fuseren) en moesten de lokale CNV-afdelingen worden omgevormd tot CNV-regio’s. Het kostte hem veel pijn en moeite om zijn plannen de voor de toekomst gestalte te geven, maar – kenmerkend – hij wil van geen opgeven weten.

Alle CNV-voorzitters zijn min of meer openlijk lid van een politieke partij en bemoeien zich met regelmaat – formeel als persoon – met de opstelling van ‘hun’ partij. Westerlaken was de uitzondering op de regel. Hij was geen CDA-lid omdat hem dat in zijn functioneren eerder belemmerde dan hielp. Typerend was dat hij na zijn voorzitterschap lid van het CDA en van de RPF (een voorloper van de ChristenUnie) werd om er geen twijfel aan te laten bestaan, dat zijn hart lag bij christelijk-sociaal gedachtengoed.

Vanuit datzelfde perspectief spande hij zich in om de samenwerking tussen christelijk-sociale organisaties te bevorderen. Een samenwerking, die na het Derde Christelijk-Sociaal Congres in 1991 moeizaam op gang kwam. Het was Westerlaken te vrijblijvend en vrijblijvendheid was hem vreemd. De Stichting Christelijk-Sociaal Congres was er – in de woorden van de eerste voorzitter, J.P.H. Donner, – niet gekomen zonder zijn inzet.

Toekomst gericht denken, spreken en handelen

Zijn werk als voorzitter van het CNV ging hem niet in de koude kleren zitten. In de loop van 1996 kreeg Westerlaken rugklachten, ondanks dat probeerde hij zo goed en zoveel mogelijk door te werken. Vanaf zijn ziekbed bleef hij via telefonisch contact leiding geven aan zijn beweging, wat later worden gesprekken rond de reorganisatie van de CNV topstructuur niet aan een vergadertafel, maar wandelend door Culemborg gevoerd. Hij stelde niet alleen hoge eisen aan zichzelf, maar ook aan zijn medewerkers. Mensen die zijn vele toespraken voorbereidden kregen regelmatig te horen dat hij niet met oude verhalen op pad wilde, maar toekomst gericht wilde denken, spreken en handelen.

In de zomer van 1998 kondigde Westerlakenzijn vertrek aan. Hij wordt voorzitter van de Raad van Bestuur van de ’s Heeren Loo Zorggroep, een organisatie voor zorg aan mensen met een verstandelijke beperking. In Trouw licht hij zijn besluit toe: Hij noemt zijn besluit en zijn afscheid’ emotioneel moeilijk’. Toch wil hij wat anders. ‘Maar voor het bedrijfsleven voel ik niet veel. Ik word niet echt opgewonden van het produceren van schoenen’.

In december van dat jaar draagt hij het voorzitterschap over aan Doekle Terpstra. Kenmerkend: tijdens zijn laatste  Algemene Vergadering, houdt hij een vurig pleidooi voor een vernieuwd en toekomst gericht CNV. Hij benadrukt dat de bestaande verscheidenheid leidt tot bestuurlijke inertie en dat past niet bij een christelijk-sociale organisatie. Opvallend is dat hij, zoals gebruikelijk bij eerdere CNV-voorzitters, geen koninklijke onderscheiding krijgt. Ondanks aandringen van de minister van Sociale Zaken blijft Westerlaken weigeren zich te laten onderscheiden. Hij had immers gewoon zijn werk gedaan.

Na zijn vakbondsloopbaan vond hij nieuwe uitdagingen in de wereld van de zorg. Eerst ’s Heerenloo, dan Erasmus MC en vervolgens werd hij voorzitter van de Raad van Bestuur van het Maasstad Ziekenhuis. Toch bleef de wereld van de arbeid hem trekken. Zo was hij in verschillende rollen betrokken bij de Start Foundation, zat hij een commissie over de toekomst van de wsw voor en maakte hij in 2008 deel uit van de Commissie Arbeidsparticipatie, die de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt moet verkennen. Met de hem eigen overtuigingskracht probeerde hij het Algemeen Bestuur van het CNV in verschillende gesprekken te overtuigen van de noodzaak toekomst gericht te denken. En met groot enthousiasme sprak hij – samen met andere oud-voorzitters – in 2009 bij de viering van het eeuwfeest van het CNV, waar bleek dat oude liefde wellicht wat roestig kon worden, maar zeker niet gedoofd was.

Anton Westerlaken. Geboren in de polder, geleefd in ‘de polder’, maar meer dan dat. Een man van de christelijk-sociale beweging. Hij wilde vorm geven aan zijn geloof in een wereld die daar steeds minder mee lijkt op te hebben. Zelf schreef hij: Het is de individuele gelovige die rechtstreeks verantwoording schuldig is aan zijn Heer en die zelf nadenkt over de vormgeving van zijn leven. En hoe hij of zij gestalte geeft aan de individuele verantwoordelijkheid om bij te dragen aan het Koninkrijk Gods.’ Vanuit dat perspectief heeft Anton Westerlaken met vallen en opstaan geleefd en gewerkt.

Piet Hazenbosch

April 2017

Ga voor meer informatie naar…