Het geheugen van de vakbeweging

Vormgever Rik Tazelaar (1951 – 2018)

Als een vis in het water bij de vakbeweging

Op 28 december 2018 is Rik Tazelaar overleden. Een schok voor de vele mensen uit de vakbondswereld die hem gekend hebben en jarenlang met hem hebben samengewerkt. Rik was vormgever van heel veel vakbondsdrukwerk, maar vooral ook de vormgever van het FNV-logo dat tot op de dag van vandaag nog steeds wordt gebruikt.

 

Drie voormalige vakbondsredacteuren vertellen iets over hun tijd met Rik Tazelaar.

Hallo Rik,

De rikketik van Rik, van jou, heeft jaren naast mij getikt. Steeds ben ik je, de man met het grote hart, weer tegengekomen. Nu schrik ik van het stoppen van dat getik.

Het begint op de School voor de Journalistiek eind jaren zeventig. Wij maken daar een boekje over de Voedingsbond FNV met Fred Allers. En waar Fred is, daar is Rik. Als student zie ik hoe iemand tekst, beeld plus eigenwijze adviezen kan vertalen in een prachtig vormgegeven boekje. Als freelancer ga ik aan de slag bij onder meer Bondig, het vakbondsblad van de Voedingsbond dat vrij wordt vormgegeven door Rik Tazelaar. En als de heren redacteuren tijdens het carnaval afdalen, maken wij, ik als broekie en jij als ervaren vormgever, Bondig. Ik ben dan onrustig en zit zwoegend met veel stress achter de typemachine voor de laatste tekstjes die al gezet hadden moeten zijn, en jij, ook nog best wel jong, maar ervaren en altijd denkend in oplossingen, maakt meters om het blaadje op tijd af te krijgen. En dat lukt natuurlijk.

Wat een verademing is het als ik later bij de FNV Dienstenbond werk en afscheid kan nemen van de vormgevers van de drukker die ons blad maken. Dat zijn beste mannen, maar niet echt creatieve types. Soms zijn ze ook wat stuurs. Een blaadje maken is daar vaak een gevecht met typografische hardliners die wat zijn ingedut, niet goed luisteren en vooral zeggen dat het zo en niet anders kan dan zij hebben bedacht. Gelukkig mag jij, Rik, ons blad gaan maken. En dan gaat er een wereld open. Dat scheelt tijd: wat ben je snel. En jij denkt mee. Even kort bespreken wat je wilt en dan elkaar de vrijheid geven. En wat wordt het dan altijd weer mooi. Want daar gaat het om bij jou: een prachtig product maken.

Bij de vakbeweging werk je nog tijden door. Ik vertrek en begin voor mezelf. Veel complimenten krijg ik voor mijn visitekaartjes, briefpapier en enveloppen die jij belangeloos voor me ontwerpt. “Zorg eerst maar dat je wat klanten krijgt, zeg je daarbij”.

Bij TON, een blad voor de transport en logistiek, loop ik je later weer tegen het lijf. Zes keer per jaar samen een mooi blaadje maken. En dat is je wel toe vertrouwd. Toveren met teksten en foto’s. Dat wordt het weer.

We maken nog een paar boeken, bijvoorbeeld voor Boss & Wijnhoven is er een prachtig gedenkboek als het bedrijf tien jaar bestaat: vierkant met een harde kaft en waanzinnig grote portretfoto’s van geïnterviewden. Gewoon omdat jij dat mooi vindt… omdat dat mooi is. Ook doe jij het ontwerp van mijn handboek om bedrijfskundige problemen op te lossen met een eigenwijs rood ringbandje. Het kost enige moeite om opdrachtgever, een business school, te overtuigen dat dat rode ringbandje moet. Maar ook daar vallen ze voor je keuze. Want wat jij mooi vindt, is ook meestal wel mooi. Ook al moet ze daar aan wennen. Ik ga je missen.

Arnold van Winden

Rik Tazelaar, vormgever van de FNV

Wanneer Rik Tazelaar in mijn leven kwam, kan ik me niet zo goed meer herinneren. Ten eerste is het lang geleden, ten tweede moet ik in die tijd bij de AbvaKabo in dienst zijn geweest, waar ze van art directors nog nooit hadden gehoord en het bondsblad werd opgemaakt door behangers met plakselpot en schaar. ‘Taas’ zal in beeld gekomen zijn toen ik de overstap had gemaakt naar de Industriebond, die na het afscheid van Groenevelt (‘Nationaliseer de productiemiddelen!’) op zoek was naar vernieuwing – althans in de beeldvorming – en er een reclamebureau werd ingeschakeld, dat in twee dagen bij de bond net zo veel geld ophaalde als ik in een maand. Over het ‘logo’ is twee maanden vergaderd met steeds twee heren van het bureau erbij à 250 gulden per uur de man. Tazelaar maakte de actiekrantjes, want daar was altijd haast bij en hij werkte snel. Aksie! Mocht van hem ook. Ik meen me te herinneren dat de Voedingsbond destijds ook al met Tazelaar werkte, zo is hij volgens mij de FNV binnengekomen met in zijn kielzog de fotograaf Chris Pennarts.

In mijn AbvaKabo-tijd heb ik Rik Tazelaar ingeschakeld bij het maken van actiekrantjes, vooral tijdens de roemruchte ambtenarenstakingen van 1983 (‘Boos op Koos’). De ene dag een krantje voor de stakende PTT’ers, de dag erop voor stakende douaniers, om en om. Je had amper uitgelegd wat de bedoeling was of Tazelaar zat alweer aan tafel met twee schetsen, inclusief een door hem bedachte en getekende strip over de onderbetaalde ambtenaar Tom Kommer.  ’s Avonds in het ‘Aksie’-centrum bespraken we dan bij haring en jonge jenever zijn resultaten.

Bij de geboorte van het FNV Magazine, een samenwerkingsverband van een aantal grote en kleine FNV-bonden, maakte Tazelaar een aantal van de bondskaternen. Daarnaast hadden het ‘algemene’ deel van het blad en een paar andere bondskaternen eigen vormgevers. Het was me een rommeltje van jewelste en het mag dan ook een wonder heten, dat er nooit een katern van bijvoorbeeld de Dienstenbond terecht is gekomen in de editie van Druk en Papier.

In die hectiek, zeker toen in 1989 de opmaak van alle katernen werd ondergebracht bij de voormalige NKV-drukker Lumax aan het Ondiep in Utrecht, heb ik Rik Tazelaar pas goed leren kennen. Hij kwam er altijd al heel vroeg aangereden in zijn grote Opel met autotelefoon, in die tijd een bijna onbetaalbare luxe. Maar daar maalde hij niet om. Ik heb hem nooit drukte horen maken over geld, trouwens. Behalve wanneer hij weer eens werd gekweld door een reeks blauwe enveloppen. Hij was een geweldige en creatieve vormgever maar in financieel opzicht was hij volgens mij geen genie.

Tazelaar maakte de bondskaternen van het magazine. Je moest altijd oppassen dat hij niet al te zeer de artiest ging uithangen en hele pagina’s diapositief produceerde. Als je daar als redacteur wat van zei, kreeg je soms te horen dat dat niet zo erg was: ‘Er is toch geen hond die dat leest.’

Bij de restyling van de vakcentrale FNV was Tazelaar de grote man. Gewend als ik was aan eindeloze sessies met dure reclamejongens uit de grachtengordel, kwam mij zijn werkwijze voor als een hogesnelheidstrein die op tijd vertrok en aankwam, en met een zeer bescheiden prijskaartje eraan.

Van series uitgewerkte van elkaar verschillende voorstellen moest hij niet zo veel hebben.  ‘Mijne dames en heren, dit is het.’ Zo laten zich zijn presentaties in het algemeen wel omschrijven. Het FNV-logo niet langer in fel rood, maar in Grieks blauw (volgens Hans Pont, voorzitter in die tijd). Aan het kerstpakket voor gepensioneerden te zien gaat Tazelaars logo nog steeds mee.

Je kunt het natuurlijk nooit met grote zekerheid stellen, maar volgens mij heeft de eenheid in beeldvorming die zich langzaamaan over meerdere bonden uitbreidde, bijgedragen aan – al was het maar een klein beetje – eenheid van beleid binnen de vakcentrale en de bonden. Onder dat logo van Rik Tazelaar kregen leden en later ook besturen langzaamaan door: kijk, dat logo, dat is van ons, daar horen wij bij.

Peter Noordermeer

Hij speelde met ons

Een halfmenshoog affiche met daarop een slecht geschoren man met een bril in een overall die aan touwtjes hangt. De tekst ernaast: Laat niet met je spelen. De tekst eronder: Voedingsbond FNV. Dat is een van de eerste beelden waarmee ik te maken krijg als ik in de lente van 1980 bij de Voedingsbond FNV kom werken. De man op het plaatje is Rik Tazelaar. Hij is ook degene die het affiche heeft ontworpen.

In de jaren zeventig begint hij zijn ‘vakbondscarrière’ bij Mercurius, de latere Dienstenbond FNV. Maar dat dienstverband is geen lang leven beschoren. Hij is daar wel een hele vreemde eend in de bijt. Hij begint samen met Louis de Bie het bedrijf: ID van idee tot drukwerk. Die verbintenis houdt ook niet lang stand. Uiteindelijk gaat graficus, ontwerper, fotograaf, muzikant, illustrator, kunstenaar Rik Tazelaar op zijn eentje als ID Gorinchem verder. Als zelfstandige komt hij terecht in de boezem van de producties van de Voedingsbond FNV: Brouwer Offsett op de hoek van Ondiep en de Amsterdamsestraatweg in Utrecht. Daar werkt hij heel veel. Zonder ooit te verhuizen uit de plek waar zijn hart en ziel lag tot zijn laatste dag op 28 december 2018: Gorinchem.

Rik stelde zich niet op als uitvoerder van wat anderen voor hem bedacht hadden. Hij hielp ons op een heel eigen manier. Het blad vakbondsblad Bondig werd toen bijvoorbeeld nog gemaakt door vellen gezette tekst op pagina’s te plakken voordat die werden gefotografeerd. Te lange teksten waren een voortdurende kwelling. Als wij even naar de wc moesten had Rik, zonder dat te melden, het probleem opgelost. “Kijk het past,” zei hij dan. Bleek ie achteraf gewoon een stuk tekst eruit geknipt te hebben en weggegooid. En de eerlijkheid gebied te zeggen dat er zelden iemand van de 60.000 geadresseerden van het blad was die meldde dat er een stukje mistte in hun geliefde bondsblad.

Hij maakte affiches. Illustreerde folders. Bedacht bizarre kreten. En hij ging vaak in zijn uitingen veel verder dan de redacteuren die van zichzelf vonden dat ze toch ook behoorlijk buiten de pot durfden te pissen. Politieke incorrectheid was zijn handelsmerk. Maakte niet veel uit over welk onderwerp het ging. Hoogtepunt, of in de ogen van sommigen dieptepunt, was een stripje in Bondig dat hij maakte, ik denk in 1984. Hij legde een relatie tussen gaskamers en het vermoorden van Palestijnen in vluchtelingenkampen. Dat leverde nogal wat krantenkoppen op inclusief een hoofdcommentaar in het Amsterdamse Parool: voorzitter Schelling en de redacteuren van het bondsblad moesten maar het veld ruimen na deze schandalige benadering.

De Voedingsbond FNV was in die jaren de ‘kleine’ luis in de pels van de FNV. Er werd door de vakcentrale en andere bonden wat sceptisch aangekeken tegen het ‘geschreeuw en gescheld’ dat van de Goeman Borgesiuslaan af kwam. Dat deed niks af aan de waardering voor de inbreng van Rik Tazelaar.

bron: website Jos Besteman

Hij is de ‘vader’ van het FNV-logo dat nog altijd wordt gebruikt. Hij kwam binnen bij de vakcentrale en allerlei andere bonden. Hij was dwars maar ook loyaal. Dag en nacht kon je hem lastig vallen met nog even dit en nog even dat. Altijd stond hij klaar als er weer iets gemaakt moest worden voor een actie of congres. Nergens schrok hij voor terug. Op een gegeven moment beperkte hij zich ook niet meer tot het aankleden van tentoonstellingen: hij ontwierp en bouwde hele stands.

Rik was als een vis in het water bij de vakbeweging. Daar heb ik bij de Voedingsbond FNV tien jaar van mogen genieten. In het begin van deze eeuw is Tazelaar op een zijspoor terecht gekomen bij de FNV-bonden. Dat vond hij niet leuk. Maar hij bleef gewoon zijn creatieve ding doen. Hij liet niet met zich spelen. Hij speelde met ‘ons’.

Geert Wijnhoven