U bevindt zich hier: Sleutelfiguren/Theo Thijssen

Theo Thijssen, een veelzijdig mens

'Allemaal goed en wel, maar dat het vroeger zo heel erg beroerd was, is nog geen reden om tegenwoordig maar genoegen te nemen met de middelmatige beroerdheden.' Citaat van Theo Thijssen uit Schoolland (1925).

Theo Thijssen, socialist, onderwijzer, politicus en schrijver, werd in 1879 geboren in de Eerste Leliedwarsstraat in de Amsterdamse Jordaan als oudste van zeven kinderen. Zijn vader was schoenmaker en overleed toen Theo elf jaar was. Moeder Alida begon een kruidenierswinkeltje aan de Brouwersgracht.

In deze buurt ging Theo naar de kleuterschool en de lagere school. Nadat hij in 1898 zijn onderwijzersdiploma haalde gaf hij tot 1921 les op diverse lagere scholen in Amsterdam.

Na 1921 werd hij bezoldigd hoofdbestuurder van de (sociaaldemocratische) Bond van Nederlandse Onderwijzers (tot 1939), de voorganger van de huidige AOb.

Pas toen hij buiten de dagelijkse praktijk van het onderwijs stond, leek hij de tijd en de inspiratie te hebben gevonden om erover te schrijven. Zijn bekendste werk was Kees de jongen, verschenen in 1923. Het lijkt erop dat de heimwee naar de klas zijn creativiteit stimuleerde.
Thijssen publiceerde naast romans ook poëzie, essays, bloemlezingen en artikelen in bladen. Hij gebruikte hierbij soms verschillende pseudoniemen.

Hij werd in 1935 met voorkeurstemmen voor de Sociaal Democratische Arbeiderspartij (SDAP) in de Amsterdamse gemeenteraad gekozen. Hij was toen al twee jaar Tweede Kamerlid voor de SDAP. Daar kwam een einde aan met de Duitse bezetting in 1940. Thijssen had toen niets meer omhanden. Hij schreef in dat jaar de autobiografie In de ochtend van het leven, die in 1941 verscheen.

In hetzelfde jaar zat hij zes weken gevangen omdat de bezetters hem er als oud-vakbondsbestuurder en SDAP ervan verdachten dat hij één van de organisatoren was geweest van de Februaristaking.

Twee jaar later, eind 1943, werd Thijssen ziek. Het begon met een longontsteking, gevolgd door een hartinfarct en een hersenbloeding. Hij stierf op 23 december en werd begraven op de Nieuwe Ooster in Amsterdam. Het graf werd in 1953 geruimd. Zijn geboortehuis in de Jordaan stond rond 1990 op de nominatie gesloopt te worden, wat de Stichting Theo Thijssen wist te verhinderen. Sinds 1995 hier het Theo Thijssen Museum gevestigd.

Op de BIoemgracht herinneren twee bruggen aan Thijssen: de Kees de Jongenbrug en de Rosa Overbeekbrug. In 1979 werd op de kop van de Lindengracht een monument voor Thijssen opgericht. Bij de onthulling werden pamfletten uitgedeeld, waarin werd geprotesteerd tegen bezuinigingen op het onderwijs. Simon Carmiggelt merkte in het pamflet op: 'Als Theo Thijssen nog geleefd had, zou hij zich in zijn graf hebben omgedraaid.'

Kees van Kortenhof,
Oktober 2007