U bevindt zich hier: Sleutelfiguren/Harm van Weeren

Harm van Weeren

Harm van Weeren was actief in vakbeweging en Partij van de Arbeid in Groningen. Als representant van de naoorlogse wederopbouw komen we hem tegen in diverse bestuurslagen. Harm behoort tot de groep mensen die met grote inzet de vakbeweging in de jaren veertig tot en met negentig van de vorige eeuw vorm heeft gegeven.

Harm wordt als oudste kind in het gezin Van Weeren geboren te Groningen op 17 april 1918. In de jaren dertig gaat, hij na de lagere school en het voortgezet gewoon lager onderwijs ( vglo), studeren op de Handelsavondschool en behaalt hij het praktijkdiploma boekhouden. In 1942 behaalt hij het staatspraktijkdiploma voor handel en administratie.

Op 30 november 1936 wordt hij lid van de bij het NVV aangesloten Algemene Nederlandse Bond van Handels en Kantoor bedienden (Algemene). Hij werkt dan bij Handelsmaatschappij Stokvis.

In juni 1940 gaat hij als boekhouder bij elevatormaatschappij 'Groningen' (graanoverslag) aan het werk. Deze aanstelling zorgt ervoor dat hij niet in Duitsland hoeft te werken tijdens de oorlog. Mensen in de voedselvoorziening waren hiervan vrijgesteld.

Harm zoekt contact met gelijkgestemde leeftijdgenoten binnen de Algemene en wordt lid van een jeugdgroep. Betrokkenheid en vriendschap speelden een grote rol binnen deze groep. Uit de verslagen van de jeugdgroep blijkt duidelijk het sociaalculturele karakter. De laatste notulen zijn van 28 november 1941. Hierna duikt de groep onder als pingpongclub waar verder weinig over bekend is.

Op 1 oktober 1940 moet de Algemene, onder druk van de NSB'er Woudenberg, samengaan met de neutrale bond Mercurius en nog wat kleinere organisaties. De nieuwe naam van deze fusiebond wordt Mercurius. Op 1 mei 1942 worden de bondsactiviteiten voor het grootste deel gestaakt omdat het NVV wordt omgevormd tot het Nationaal Arbeids Front dat door de bezetter wordt bestuurd. De meeste leden en kaderleden stappen op.

In 1944 publiceert Van Weeren illegaal de brochure Ordening. De brochure is waarschijnlijk op zeer kleine schaal uitgebracht en/of overgetypt en doorgegeven. Hij past in een reeks brochures die in de eerste helft van 1944 landelijk wordt uitgegeven over de naoorlogse ordening van de Nederlandse maatschappij. Het is een pleidooi voor een soort radensocialisme. Er wordt op een optimistische toon uitgezien naar de verhoudingen in het naoorlogse Nederland. Uit deze publicatie blijkt dat Harm landelijk contacten onderhield.

Na de bevrijding van de stad Groningen door de Canadezen in april 1945 gaat Van Weeren in november aan het werk bij het Gewestelijk Arbeidsbureau als boekhouder bij de afdeling financiën. Hij wordt lid van de voorloper van de ABVA. In november 1951 wordt hij arbeidsbemiddelaar, met als taak werkzoekenden aan een baan te helpen.

Een van zijn eerste werkvelden is de horeca. Hij bouwt bij zowel werknemers als werkgevers een goede naam op en staat bij beide partijen als betrouwbaar bekend. Met name voor de groep ambulanten, kelners en koks voor tijdelijk werk, is hun baan niet eenvoudig. Ook bij de leden van de Horecabond heeft Van Weeren een goede naam. Als een zaak rechtvaardig was en je moest in beroep, dan kon je met een gerust hart naar Van Weeren toe. Gezien het ambulante karakter van het beroep kelner kwam dit veelvuldig voor.

Na de arbeidsbemiddeling in de horeca komt hij op het Gewestelijk Arbeids Bureau terecht bij de afdeling aanstelling en ontslag. Dit is veel meer dan alleen bemiddeling.

Een andere taak die voor Van Weeren klaar lag, was om de bond door een moeilijke periode heen te helpen na de bevrijding. De bond moest weer opgebouwd worden met ledenregistratie, besturen en een ondersteunend apparaat. Op 1 januari 1947 ontstaat door een fusie van een aantal NVV-overheidsbonden de Algemene Bond Voor Ambtenaren (ABVA).

Als wij Van Weerens brochure Ordening lezen, begrijpen we zijn grote inzet des te beter. Zijn sociaaldemocratische beginselen probeert hij om te zetten in de praktijk. Door zijn opgebouwde contacten heeft een goed netwerk. Zijn juridisch aandoende werkstijl valt goed binnen de ABVA.

Groningen was en is een bestuurs- en onderwijsstad. Hierdoor was de ABVA een van de grootste bonden en dus invloedrijk binnen het NVV en de PvdA-fractie ter plaatse.

Harm van Weeren wordt namens de afdeling Groningen bondsraadslid van de ABVA. Eind veertiger jaren lid wordt hij lid van het afdelingsbestuur en later secretaris en penningmeester.

In 1957 wordt hij verkozen namens de ABVA in de Groninger Bestuurdersbond van het NVV, waarin hij tot 1974 blijft functioneren. Tijdens deze periode wordt hij namens het NVV van 1961 tot 1971 plaatsvervangend lid van de Raad van Beroep Sociale Zekerheid en van 1972 tot 1983 is hij vast lid van deze commissie.

Met zijn professionele kennis van arbeidszaken komt Van Weeren in deze raad tot verdere ontplooiing. Hij laat zich kennen als een man met een sterk rechtvaardigheidsgevoel richting werknemers en werkgevers. Hij wordt veel geraadpleegd over diverse zaken.

In 1973 treedt hij op als bemiddelaar tijdens de tiendaagse staking in de Groninger taxiwereld. Ook wordt hij veel gevraagd om zijn kennis als bemiddelaar te gebruiken in zaken als functiewaardering. De combinatie van professionele kennis en politiek maatschappelijke ambitie weet Van Weeren steeds beter ten bate van de belangenbehartiging van de werknemers te stellen.

In deze tijd bezoekt hij NVV-congressen, is hij lid van de plaatselijke propagandaraad en zit hij van 1959 tot 1966 in het 1 Mei-comité. Ook zit hij in het Zonnestraal NVV tbc-fonds en van 1972 tot 1973 in de Commissie van Advies Algemene Bijstandswet.

In 1968 komt Van Weeren in de fractie van de Partij van de Arbeid in de gemeenteraad van Groningen. Hij is dan secretaris van de ABVA-afdeling Groningen en lid van het afdelingsbestuur van het NVV (1957-1974). Hij is de laatste NVV'er in de PvdA-fractie wordt gekozen. Aan een lange traditie om een vakbondsman op te nemen in de fractie komt een einde.

Tijdens de vaststelling van de kandidatenlijst voor de verkiezingen van 1970 blijkt de afbrokkeling van de brede sociaaldemocratie. Kandidaten van de vakbeweging worden door Nieuw Links nauwelijks getolereerd.

Met het aftreden van zijn politieke vriend wethouder Wim Hendriks is voor Harm van Weeren de lol eraf. Als in Groningen in 1972 het eerste linkse meerderheidscollege onder leiding van Max van den Berg en Jacques Wallage ontstaat, bedankt Harm tussentijds voor het lidmaatschap van de gemeenteraad.

In vakbondsland gebeurt intussen van alles. Op 1 januari 1976 fuseren NVV en NKV tot FNV. ABVA en KABO gaan verder als ABVAKABO. Het oprichtingscongres, waar Van Weeren bij was, vindt plaats op 12 maart 1980. Twee jaar later, op 1 oktober 1982 vindt de fusie plaats.

Als congreslid en bondsraadslid heeft Harm van Weeren volop standpunten van de afdeling Groningen landelijk vertegenwoordigd. Hij zette zich met volle overtuiging in om de Groninger zienswijze tijdens congressen en bondsraden over te brengen. Op het gebied van reglementen en pensioenen had hij landelijk gezag.

De inzet van de ABVAKABO-afdeling Groningen om in de tachtiger jaren samen met anderen alternatieve werkgelegenheidsplannen op te stellen, heeft de volledige instemming van Van Weeren. Denk hierbij aan zijn brochure Ordening uit 1944.

Als hij in 1981 met pensioen gaat, treedt Van Weeren af als secretaris van de afdeling. Hij treedt toe tot de groep ouderen van ABVAKABO en al snel tot de landelijke groepsraad.

Tijdens de vele afdelingsvergaderingen, ledenraden, themabijeenkomsten, congresvoorbereidingen en overleggen tussen het afdelingsbestuur en de groep ouderen wordt zeer veel gebruik gemaakt van zijn kennis. Vooral de pensioenproblematiek heeft hij als een van de weinigen onder de knie.

Van Weeren nam als instructeur deel aan de FNV Belastingservice. Hij leidde belastinginvullers op en hielp velen bij het invullen van het belastingformulier.

Tot 1996, waar hij tijdens een groepsraad Ouderen te Utrecht een hersenbloeding kreeg, was hij actief.

Op 20 januari 2006 overlijdt Harm van Weeren op 87-jarige leeftijd na een strijdbaar en zeer actief leven. Hij was een kurk waar de vakbeweging op dreef. Hij functioneerde, in positieve zin, als een spin in een web. Hij en zijn generatie hebben een levende en gezonde vakbeweging nagelaten.

Jan Rootlieb
september 2007