U bevindt zich hier: Vereniging/Beleidsplan

Wie het verleden niet kent, gaat de toekomst weerloos tegemoet"

STRATEGISCH BELEIDSKADER 2009 - 2014

1.INLEIDING
Per 1 januari 2009 is de Vakbondshistorische Vereniging VHV omgezet in de Stichting VHV met als ondertitel 'Vrienden van de Historie van de Vakbeweging'. Dat is meer dan alleen een naamswijziging of een andere vorm van rechtspersoonlijkheid. De VHV wil ook haar inzet en imago veranderen. De Vakbondshistorische Vereniging was in oorsprong met name bedoeld om historisch en recent vakbewegingsmateriaal te verwerven, te behouden, te registreren en te gebruiken. Daarvan afgeleid zette de vereniging zich aanvankelijk in voor het organiseren of helpen organiseren van (tijdelijke) tentoonstellingen en het stimuleren van de oprichting van een vakbondsmuseum. Dat was bij de oprichting in 1983. Acht jaar later, in 1991, opende koningin Beatrix het Nationaal Vakbondsmuseum in de Henri Polaklaan in Amsterdam en werden vanaf dat moment leden opgeroepen ook een (financiële) bijdrage te leveren aan (de ondersteuning van) dat museum. Een belangrijke doelstelling was daarmee verwezenlijkt.

In die eerste kwart eeuw zijn er enkele opvallende verschuivingen opgetreden binnen de doelstelling van de vereniging. Een gemakkelijk voorbeeld vormt de ontwikkeling van het Nationaal Vakbondsmuseum tot 'De Burcht', eind jaren negentig van de vorige eeuw. De museale doelstelling verdwijnt naar de achtergrond. Ruim daarvoor is al duidelijk dat het verzamelen en beheren van vakbondsmateriaal voor de VHV te hoog gegrepen is. De samenwerking met o.a. het Internationaal Instituut voor sociale Geschiedenis (IISG) werpt haar vruchten af want die bewaar- en beheerfunctie wordt min of meer vanzelfsprekend overgelaten aan dat instituut. Het door de vereniging verzamelde materiaal ligt sinds jaren opgeslagen bij het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG). De eerlijkheid gebiedt te melden dat er zelden of nooit naar wordt omgekeken. Hetzelfde geldt voor de verzameling vaandels. Die worden professioneel geconserveerd en daarmee voor de toekomst behouden, maar er gebeurt verder weinig of niets mee. Bij het zilveren jubileum van de vereniging in oktober 2008 kon overigens een heel goed gebruik worden gemaakt van die verzameling door een deel van de totale collectie bij het IISG (73 stuks) te presenteren.

Ook de tentoonstellingsopdracht die de vereniging zichzelf had opgelegd kwam niet uit de verf. Middelen en menskracht ontbraken om daar een goede uitvoering aan te geven en op het moment dat het IISG hier de eigen financiële kraan dichtdraaide hield ook die (neven) doelstelling op.

Wat restte was vooral 'De Burcht' als schitterend historisch vakbondsgebouw en een vereniging die inmiddels wel een eigen VHV-Nieuwsbrief uitgeeft (sinds 1987), regionale publicaties enigszins (financieel) ondersteunt, ook regionaal zelf activiteiten ontwikkelt, zoals bij de herdenking van 25 jaar Enka-bezetting en anderen probeert vooral aandacht te laten krijgen voor het kostbare verleden van de vakbeweging, in alle breedte. Want, dat mag dan niet uitdrukkelijk in de doelstelling van de vereniging genoemd zijn, maar het is wel degelijk uitgangspunt vanaf het eerste moment: de VHV wil een vakbondsbrede vereniging zijn.

De afgelopen jaren heeft de VHV zich vooral bezig gehouden met het in stand houden van de Vereniging (bestuursvergaderingen, vergaderingen van de ledenraad en het houden van periodieke - algemene - ledenvergaderingen), evenals met het beleggen van bijeenkomsten waarin belangrijke historische gebeurtenissen de vakbeweging betreffende of daaraan gerelateerd in de spotlights werden gezet en uitgediept. Ook werd veel energie (en geld) gestoken in het vier keer per jaar uitgeven van een Nieuwsbrief en het ontwikkelen en up to date houden van een website (www.vakbondshistorie.nl). Mede als gevolg van een bestuur dat persoonlijk (pensionering) in de loop der jaren meer op afstand kwam te staan van de actieve vakbeweging kwamen de contacten met die vakbeweging minder gemakkelijk te stand en boetten in aan intensiviteit. Het vanzelfsprekende contact met de organisatie van de vakbeweging verbleekte of moest moeizamer dan voorheen in stand worden gehouden. Het is vooral dit laatste waarin de VHV "nieuwe stijl" verandering wil brengen.

2. VAN VERLEDEN NAAR HEDEN NAAR TOEKOMST
De VHV wil de kennis van en belangstelling voor de geschiedenis van de vakbeweging bevorderen en wel op een zodanige manier dat steeds het verband wordt gelegd tussen verleden, heden en toekomst. Dat gebeurde weliswaar bij o.a. de organisatie van leergangen in verschillende plaatsen, de uitgave van de VHV-Nieuwsbrief en de website maar nog op een te bescheiden wijze. De stichting VHV wil zich met name profileren als een organisatie die met 'beide benen' in de maatschappij van vandaag staat. De VHV wil de banden met de vakbeweging breed en zonder onderscheid naar identiteit en historische context aanhalen en verdiepen. De VHV wil de luis in de pels zijn van de vakbeweging van nu waar het betreft de aandacht voor de geschiedenis als bron voor hedendaags en toekomstig handelen. Samen met de vakbeweging wil de VHV initiatieven en activiteiten ontwikkelen die er op zijn gericht om de geschiedenis levend te houden.

Voor de VHV zijn verleden, heden en toekomst onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het verwaarlozen van de aandacht voor (de verworvenheden uit) het verleden leidt onvermijdelijk tot verschraling van huidig en toekomstig beleid en daarmee het beeld van de vakbeweging van nu en die van de toekomst. De VHV onderschrijft wat dit betreft zonder meer zegswijzen als: In het verleden ligt het heden en in het heden ligt de toekomst en Wie het verleden niet kent, gaat de toekomst weerloos tegemoet.

Overigens wil de VHV niet alleen de samenwerking aangaan met de vakbeweging. Ook samenwerking met instituten die zich bezig houden met de sociale geschiedenis zoals het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG), het Katholiek Documentatiecentrum (KDC), het Historisch Documentatie Centrum voor het Nederlands Protestantisme (HDC), het Sociaal Historisch Centrum voor Limburg (HSCL) en het Internationaal Informatiecentrum en archief voor de Vrouwenbeweging (IIAV) alsmede met De Burcht (voorheen het Vakbondsmuseum) wordt zonder meer toegejuicht. Ook individuen of groepen van personen die mee willen werken aan het ontwikkelen van initiatieven op het terrein van het levendig houden van de geschiedenis van de vakbeweging zullen bij de VHV een warm onthaal vinden.

Een en ander is inmiddels ook vastgelegd in de statuten van de VHV.

3. IN BEWEGING
De VHV komt in beweging ten aanzien van de geschiedenis van de vakbeweging en daagt anderen uit dat ook te doen. Te lang is de geschiedenis van de vakbeweging als een 'ondergeschoven kind' beschouwd. Te lang ook is ook het kennen van de geschiedenis - ook door de vakbeweging zelf! - te weinig beschouwd als belangrijk voor discussies over de toekomst. Zelfs in de Canon van de vaderlandse geschiedenis heeft de geschiedenis van de vakbeweging geen plaats gekregen. De VHV beschouwt dat als een schromelijke vergissing en tekortkoming. Feitelijk houdt het een ontkenning in van de waarde die de vakbeweging heeft en heeft gehad voor de opbouw en stabiel functioneren van de Nederlandse samenleving als geheel. De VHV pretendeert niet dit hiaat te kunnen invullen, maar neemt zich wel voor om er alles aan te doen wat binnen haar mogelijkheden ligt om het belang van de geschiedenis van de vakbeweging (weer) onder de aandacht te krijgen. Zij roept alle relevante personen en instanties op initiatieven op dit terrein te ondersteunen. Samenwerken en samen doen is de basis voor resultaat! De VHV 'gooit daarbij geen oude schoenen weg voordat er nieuwe zijn'. Activiteiten als de Nieuwsbrief, het verzorgen en onderhouden van een aantrekkelijke website, het beleggen van (discussie) bijeenkomsten en het stimuleren van regionale activiteiten passen prima in de vernieuwde aanpak die de VHV voorstaat. Maar daarnaast zal de VHV zeker ook proberen om andere eigentijdse initiatieven te ontwikkelen en uit te voeren. Initiatieven die er op gericht zijn het belang van de geschiedenis van de vakbeweging de aandacht te geven die ze verdienen.

4. VISIE EN MISSIE
De VHV wil toonaangevend zijn waar het gaat om het bepleiten van het belang van de geschiedenis van de vakbeweging bij het voeren van de discussie over de toekomst. Heden, verleden en toekomst dienen met elkaar in verband te worden gebracht. De VHV wil daarin een voortrekkersrol vervullen

De VHV ziet zich tevens als dé trekker en aanjager van de binnen de vakbeweging zelf en daarbuiten te voeren discussie hierover. De VHV is er zich daarbij van bewust dat zij slechts een kleine speler is in dit veld. In de ogen van de VHV is echter de omvang van de organisatie niet zozeer bepalend maar vooral de inspiratie, de intuïtie, de creativiteit, de kwaliteit en de expertise van de inbreng. En die meent de VHV ten volle te kunnen leveren of te kunnen organiseren.

5. DRAAGVLAK
Zoals hiervoor opgemerkt is de VHV maar een kleine organisatie. De vereniging VHV had bij omzetting om en nabij 800 leden. Het bestuur vertrouwt er op dat deze 800 leden na de omzetting vrijwel allemaal donateur zullen worden en blijven.

Zoals ook eerder betoogd zit de kracht van de organisatie niet alleen in de omvang, maar met name ook in de wijze waarop de vereniging in staat is om de boodschap op een doeltreffende manier over het voetlicht te brengen. Daar zal de VHV in komende jaren keihard aan werken.

Tegelijkertijd is het voor de financiële spankracht van de organisatie juist van groot belang een zo groot mogelijk aantal donateurs en andere financiers aan zich te binden. Het geld stroomt tenslotte niet vanzelf binnen en het hebben van een goede financiële huishouding is van evident belang voor het voortbestaan van de organisatie.

De VHV stelt zich daarom ten doel om het aantal donateurs binnen nu en 5 jaar op tenminste 1000 te brengen. Dat betekent dat er per jaar gemiddeld netto 40 a 50 donateurs bij moeten komen. Het bestuur zal een daarop gericht promotieplan ontwikkelen.

6. SLOT
De VHV is er zich van bewust hiermee een ambitieus beleidskader te hebben neergezet. Maar wij gaan er voor !

Vastgesteld in het bestuur van de Stichting VHV op 16 januari 2009. Huug Klooster/Jan van Hoof